Elsevier Weekblad

Elsevier week magazine



-- Berichten van gisteren of eerder.
Tijdens zijn verkiezingscampagne in de strijd om het Amerikaanse presidentschap wist Joe Biden zijn zoon Hunter zorgvuldig uit het blikveld van de media te houden. Nu Biden president is, vormt het gedrag van Hunter Biden een groter probleem. Kunst verkopen voor absurd hoge prijzen ondermijnt de ethische normen van het Witte Huis, schrijft Victor Pak. Gemakkelijk is het leven van Hunter Biden nooit geweest. Op jonge leeftijd maakte hij een ernstig auto-ongeluk mee dat het leven van zijn moeder kostte. Ruim tien jaar geleden stierf zijn oudere broer Beau Biden aan een hersentumor. Opmerkelijke familieverhoudingen Victor Pak (1995) is redacteur bij EW. Wekelijks op zaterdag blogt hij over wat er speelt in de Amerikaanse politiek. Beau en Hunter zijn geen Kaïn en Abel, maar de overeenkomsten met de Bijbelse zonen van Adam en Eva zijn opmerkelijk. Na de dood van Beau had de getrouwde Hunter een kortstondige affaire met de weduwe van zijn broer. Beau was altijd de veelbelovende telg van de familie Biden. Advocaat, onderscheiden veteraan en veelbelovend politicus: Beau Biden moest ervoor zorgen dat de naam Biden in het lijstje van Amerikaanse presidenten zou belanden. Dat Biden senior op zijn 77ste na twee eerdere mislukte campagnes toch nog een gooi naar intrek in het Witte Huis deed, had alles te maken met het vroegtijdig overlijden van Beau. Biden senior ziet het als de vervulling van zijn oudste zoons leven dat hij nu president is. Affaires en naaktvideo's stralen af op Joe Biden Nu Biden dat ambt bekleedt, wordt het halen van zijn politieke doelen bemoeilijkt door allerlei affaires van zijn andere zoon, Hunter. Al tijdens de verkiezingscampagne speelde Hunters handel en wandel af en toe op. Bidens tegenstrever Donald Trump wist Biden er tijdens het eerste presidentiële debat behoorlijk mee te ontregelen. Lees ook: Dit gebeurde er achter de schermen in Trumps laatste jaar Volgens Trump verdiende Hunter een fortuin in China en Oekraïne dankzij zijn familienaam. Zo verwees Trump naar een gelekte mail waarin Hunter wordt bedankt voor het regelen van een ontmoeting tussen toenmalig vicepresident Joe Biden en een topadviseur van het energiebedrijf waarvoor Hunter werkte. Toen Trump zijn aantijgingen deed, waren de emails nog niet geverifieerd. Joe Biden ontkende de gang van zaken zoals Trump die voorstelde, maar in een recent verschenen boek, The Bidens, werd de email geverifieerd. Het Amerikaanse ministerie van Justitie onderzoekt de zakelijke inkomsten die Hunter binnenkreeg uit China. Dit jaar dook een naaktvideo op van Hunter waarin hij vreest voor nog meer ellende. Hij speculeert over een kwijtgeraakte laptop waarop vreemde seksvideo's van hem zouden staan. Volgens de zoon van de Amerikaanse president zou die laptop in Russische handen zijn en mogelijk worden gebruikt om zijn vader te chanteren. Of die video's voldoende zijn om de president te ondermijnen, is overigens maar de vraag. Witte Huis maakt verkeerde keuze bij kunstverkoop van Hunter Om zijn leven na diverse drugsverslavingen weer in goede banen te leiden, en het verlies van zijn broer te verwerken, richt Hunter zich tegenwoordig op het maken van kunst. De beginnend artiest verkocht zijn eerste schilderijen voor bijna een half miljoen dollar en besloot in samenspraak met het Witte Huis dat de kunstkopers anoniem blijven voor zowel Hunter als het Amerikaanse publiek. Op die regeling volgde harde kritiek van onder anderen Walter Shaub. Hij was onder president Donald Trump enkele jaren directeur van de ethische overheidswaakhond OGE, tot hij zijn ontslag indiende omdat Trumps regering alle ethische normen overschreed. Hunter Biden profiteert van de familienaam Lees ook: Biden kan heel goed leven met het strenge migratiebeleid van Trump Shaub merkte terecht op dat iedereen weet dat een half miljoen voor Hunters kunst alleen maar is gebaseerd op diens achternaam. Het Witte Huis had ervoor moeten kiezen de namen van de kopers van Hunters kunstwerken te openbaren en een tweede advies van Shaub moeten opvolgen: laat het weten als kunstkopers in contact komen met medewerkers van de Amerikaanse overheid. Het bestrijden van corruptie was voor Biden een belangrijk campagnepunt. Zijn regering moet de hoogste ethische normen in de Amerikaanse geschiedenis hanteren. Zolang Biden zijn zoon laat wegkomen met het misbruiken van zijn naam, gaat dat niet lukken. The post Naaktvideo's en dure kunst: het Hunter Biden-probleem van Joe Biden appeared first on EWmagazine.nl.
za, 23 okt, 2021
Source: EW Magazine
De Nederlandse politiek heeft geen hoger doel meer, schrijft Zihni Özdil. Zelfs de schending van kinderrechten is minder belangrijk dan beeldvorming. ‘De kinderen zijn nog niet gered', was wat de slachtoffers van het Toeslagenschandaal mij telkens vertelden sinds ik er in 2019 over begon te schrijven. De meesten deden dat in achtergrondgesprekken. Maar sommigen, zoals Kristie Rongen, spraken ook in het openbaar. Zihni Özdil (1981) is historicus. Hij schrijft elke zaterdag een column voor ewmagazine.nl. Evenwel kon ik over die kinderen niet veel opschrijven, want het kabinet weigerde – ondanks verscheidene verzoeken van Tweede Kamerlid Pieter Omtzigt – in kaart te brengen hoeveel kinderen precies zijn afgepakt van de slachtoffers van het Toeslagenschandaal. Deze week bleek uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek dat ten minste 1.115 kinderen van gedupeerden van het Toeslagenschandaal sinds 2015 door de Nederlandse staat uit huis zijn geplaatst. Let wel: het Toeslagenschandaal begon in 2004. Het werkelijke aantal ligt dus veel hoger dan 1.115. Algoritme-gedreven postmoderne razzia Kunt u het zich voorstellen? Terwijl u niks verkeerd doet, begint de staat een nietsontziende jacht op u en trapt u zo de schuldenproblematiek in. En gaat vervolgens, omdat u schulden hebt gekregen dankzij diezelfde staat, ook nog eens uw kinderen van u afpakken. Laat ik het hier maar ronduit opschrijven: er is minstens vijftien jaar een algoritme-gedreven postmoderne razzia gevoerd tegen onschuldige ouders die kinderopvangtoeslag ontvingen. Toen ouders hun recht wilden halen, ging de staat willens en wetens nepbewijs produceren in de rechtbank. Of doen alsof de stukken die de ouders steeds opstuurden nooit waren aangekomen. En sinds deze week weten we dus dat de Nederlandse staat ook nog eens kinderen heeft geroofd. De premier is in Brussel, niet in Nederland In een democratie verdient zo'n buitengewoon schokkend bericht natuurlijk een reactie van de regeringsleider. Sander van Hoorn (NOS) was de eerste journalist die het lukte Mark Rutte te bevragen. De demissionaire VVD-premier was op een Europese top in Brussel om, nota bene, Polen keihard de les te lezen over hun rechtsstaat. Rutte liep op de top voorop met dreigementen Polen miljarden euro's uit Brussel te onthouden zolang de rechtsstaat daar niet op orde is. Lees verder onder de video Uw cookieinstellingen laten het tonen van deze content niet toe. De volgende cookies zijn nodig: marketing. Wijzig uw instellingen om deze content te zien. Van Hoorn: ‘De Poolse regering zegt dat Nederland en u weinig recht van spreken hebben, omdat er in Nederland ook het een en ander mankeert aan de rechtsstaat.' Rutte: ‘Ongetwijfeld is er in allerlei landen een hoop te repareren. Maar de onafhankelijkheid van rechters is in Nederland goed geborgen.' Wie niet goed luistert, is snel overtuigd door Rutte – mede door de geruststellende toon waarop hij Van Hoorns vraag beantwoordt. Rutte trekt het begrip ‘rechtsstaat' kunstmatig uit elkaar Maar wat zegt Rutte eigenlijk? Ik spreek Polen aan op de onafhankelijkheid van rechters, en dat specifieke punt is in Nederland op orde, dus Polen kan mij niet betichten van hypocrisie, is zijn redeneertrant. Dus alleen als er in Polen net zo'n Toeslagenschandaal als in Nederland zou spelen, zou Polen Nederland mogen bekritiseren over zijn rechtsstaat? Infantiele onzin natuurlijk. De peuter van een vriendin van mij had ooit knikkers gejat van een vriendje op school. Toen hij werd betrapt, zei hij stellig: ‘Ik heb niet gestolen. Ik heb de knikkers eerlijk gevonden in zijn broekzak!' Net als een peuter duikt Rutte de papieren werkelijkheid in en trekt hij het begrip ‘rechtsstaat' kunstmatig uit elkaar. We zijn geen haar beter dan Polen Bovendien is het niet waar wat Rutte zegt. Er was helemaal geen onafhankelijke rechtspraak in het Toeslagenschandaal. De afdeling Bestuursrecht van de Raad van State heeft dat inmiddels toegegeven. We zijn dus geen haar beter dan Polen. Lees verder onder de tweet Nu pas rapport van bestuursrechters kunnen lezen. Wat een verademing en hoopgevend dat zij op hun rol en werkwijze reflecteren en lessen trekken uit de kinderopvangtoeslagzaken. En nu hopen dat andere betrokken instanties dit voorbeeld volgen. https://t.co/eWIeXBU55F — Ayfer Koç (@Ayfer_Koc) October 21, 2021 Uw cookieinstellingen laten het tonen van deze content niet toe. De volgende cookies zijn nodig: marketing. Wijzig uw instellingen om deze content te zien. Sander van Hoorn vervolgt zijn vraaggesprek met Rutte: ‘1.100 kinderen die uit huis zijn geplaatst (…)' Rutte onderbreekt hem, lichtelijk geïrriteerd: ‘Ja, maar ik ben hier in Brussel.' Van Hoorn bijt door: ‘Ja, u bent hier in Brussel, maar daar hebben die 1.100 kinderen geen boodschap aan.' Rutte buigt zijn hoofd, alsof hij erkent dat Van Hoorn hem klem heeft gezet in de beeldvorming. Twee keer weigeren een vraag over door de staat geroofde kinderen te beantwoorden, komt slecht over. Dat weet ook Rutte, die tien jaar voor Unilever heeft gewerkt. Rutte vervolgt: ‘Ik zal bij hoge uitzondering iets zeggen over een binnenlandse politieke aangelegenheid in het geval van een Europese vergadering (…)' – om daar een aantal zinnen met vage algemeenheden aan toe te voegen. Ook hier kunnen we ons afvragen wat de logica is achter de stelling dat de Nederlandse minister-president niks over Nederland hoeft te zeggen als hij in Brussel is. ‘Een binnenlandse politieke aangelegenheid' noemt Rutte heel technisch het leed van ruim 1.100 kinderen, alsof hij over een of ander ver land praat waarvoor hij geen verantwoordelijkheid draagt. Wim Kok was precies hetzelfde als Mark Rutte Het is makkelijk om boos te worden op premier Rutte. Veel critici maken van hem soms zelfs de verpersoonlijking van het kwaad. Die morele verontwaardiging vind ik een heilloze weg. Want wie de Nederlandse bestuurscultuur reduceert tot de persoon Rutte, miskent de bigger picture, het grotere geheel. En dat is dat de politiek sinds Ruud Lubbers (CDA) premier was stap voor stap is ontkleed van politiek. Politiek moet niet meer om politiek gaan, was sindsdien de nagenoeg unanieme consensus van zowel het kabinet als de meeste politiek commentatoren. Nee, politiek moest voortaan gaan om het technisch managen van beleidsvraagstukken. Lees ook: Kwaal in politiek Den Haag: trechteritis We zijn het inmiddels vergeten, maar Kok was precies hetzelfde als Rutte. Als een kritische journalist hem vragen stelde over asociale bezuinigingsplannen, dook ook Kok de papieren werkelijkheid in, die hij kunstmatig creëerde. Woorden als: ‘Het gaat om het zorgvuldig afwegen van verschillende belangen, ook in het kader van de houdbaarheid van de overheidsfinanciën, waarbij het mijn ambitie is om daar waar mogelijk minima te ontzien.' Geruststellend klinkende, doch nietszeggende woorden. Dat bleek ook, want elke keer trokken de minima ook bij Kok aan het kortste eind. Niet echte politici, maar managers leiden ons land Het probleem is, kortom, niet Rutte of welk ander individu ook. Het probleem is dat de Nederlandse politiek geen bezieling, geen visie, geen hoger doel meer kent. Niet echte politici, maar managers zoals Kok en Rutte leiden ons land, ook op andere ministeries. En managers zijn niet getraind om verantwoordelijkheid te nemen voor wat er gebeurt in de echte wereld. Dat zit niet in hun spreekwoordelijke DNA. Het enige wat in hun reflex zit, is processen managen via de papieren werkelijkheid, problemen klein maken tot op het infantiele af, en controle houden op de beeldvorming. Zelfs wanneer het gaat om de schending van de mensenrechten van ten minste 1.115 kinderen. Hoe komen we hieruit? Eén ding weet ik zeker: als we al onze pijlen blijven richten op de persoon Rutte, zal die uitweg er nooit komen. Nee, het is hoog tijd voor een grondig debat over de politiekloze Nederlandse politiek die geen hoger doel meer heeft. The post Rutte belichaamt inhoudelijke leegte die Nederlandse politiek al sinds Kok kenmerkt appeared first on EWmagazine.nl.
za, 23 okt, 2021
Source: EW Magazine
De zwierige haren van Van Mierlo hebben plaatsgemaakt voor de hoofddoek, schrijft Constanteyn Roelofs. Is dat nou de beloofde vooruitgang? Vorige week donderdag was ik op het verjaardagsfeestje van D66. Er werd een symposium georganiseerd over de toekomst van de partij. Als reactionair en zure ex van die club hoopte ik natuurlijk dat het een korte bijeenkomst zou worden. No such luck, helaas: er waren allerlei partijprominenten en politicologen opgetrommeld om te delibereren over de toekomst van de partij. De vraag leek eigenlijk te zijn: waar hebben we D66 nog voor nodig? Constanteyn Roelofs Wekelijks verkent historicus Constanteyn Roelofs (1989) de tragikomische tegenstrijdigheden in economie en maatschappij. Van de bestuurlijke vernieuwing is niets terechtgekomen en als ooit het doel was om de Haagse stolp te doen knappen, dan zijn de partijleden erachter gekomen dat het wel heel erg gezellig en comfortabel is onder die stolp. Iemand zegt dat D66 het CDA zonder C is geworden, een klassieke bestuurderspartij. Ik heb zelf meer de indruk dat D66 de rol van de PvdA heeft overgenomen als partij voor Verstandige Mensen; professoren, ambtenaren, duurzaamheidsmanagers: winnaars van de diplomarace in de downstream van de Belastingdienst. Vooruitgang is heilig Het sneue van dat soort progressieve, hoogopgeleide types is dat ze volgens hun eigen progressieve ideologie altijd maar aksie moeten voeren. Vooruitgang is immers heilig en vooruitgang bereik je alleen door stenen te gooien naar de gevestigde orde. D66 moet weer, als je sommige sprekers mocht geloven, net als in de tijden van Van Mierlo, een ‘challenger party' worden en niet meer fungeren als bestuurlijk cement maar als uitdager van de gevestigde macht. De hoogopgeleide, progressieve, post-'68-kaste drijft immers op activisme: Nelson Mandela en Greta Thunberg zijn de onvermijdelijke rolmodellen. Dat botst als je het CBR moet runnen, de Erasmus Universiteit of een leuk consultancybureau in de semi-overheid. D66'ers zijn, hoe je het ook wendt of keert, de gevestigde orde. Ideologische verwarring Bovendien leidt de vernauwing van het Nederlandse politieke landschap tot een paar vagelijk links-liberale partijen en D66 tot onvermijdelijke partner in elke coalitie. Het leidt tot permanente ideologische verwarring en een besmuikt schuldgevoel – die woelige dromen van een betere wereld en de dagelijkse realiteit van het landje runnen. Die neiging naar aksie sublimeert in twee dingen: koortsachtige verdediging van globalisering en massamigratie en algehele klimaatpaniek (toch twee tegenstrijdige tendensen). Lees ook de column van Gerry van der List: De ongewisse toekomst van kameleon D66 Deze ideologische verwarring uit zich trouwens in de volstrekte onberekenbaarheid en rubberenruggengratigheid van de partij. Kijk maar eens naar het beleid: aan de ene kant is D66 bezig met een oorlog tegen de kroket en de sigaret omdat we allemaal gezond 90 moeten worden om daarna fijn een voltooid-leven-spuitje te krijgen, aan de andere kant wil de partij cocaïne en xtc legaliseren omdat ‘mensen het toch wel gebruiken'. Je vraagt je af hoe de ideologische slangenmensen van D66 uiteindelijk op de uitkomst komen dat een lijntje coke minder erg is voor de gezondheid dan een broodje bal, maar goed. Belijdend christenen zul je bij D66 maar weinig tegenkomen Ook op ethisch gebied gebeuren er rare dingen. De tamme christenen van de CU worden als boemannen afgeschilderd omdat ze bezwaren hebben tegen abortus en voltooid leven, maar de (fundamentalistische) islam is daarentegen een mooie aanvulling op het diverse Nederland. Belijdend christenen zul je bij D66 maar weinig tegenkomen, maar de partij doet er alles aan om haar zeldzame moslims voor de camera te slepen. In hun strijd tegen ‘de populisten' is een alliantie met de meest populistische godsdienst geen enkel probleem. Zo kunnen we nog wel een tijdje doorgaan. De huidige lijn van ‘Laat iedereen vrij, maar niemand vallen' kan immers alles betekenen, maar betekent vooral helemaal niets. Het D66 van Hans van Mierlo Een leuk detail van de middag: een van de sprekers had het beroemde spotje van Van Mierlo laten zien waarin de uitstekend gekapte Van Mierlo een beetje in het wilde weg loopt te filosoferen over de toekomst van de Nederlandse democratie in een post-verzuilde wereld waarin het Volk aan de macht zou komen, in plaats van de technocraten aan de toppen van de zuilen. Toen het filmpje klaar was, werd het projectiescherm omhoog gerold, maar de gepauzeerde kop van Van Mierlo hing nog als een spook boven de bijeenkomst. Omineus. En wat een contrast met het nieuws over D66 dat Fonda Sahla is ingezworen als Kamerlid voor D66. De zwierige haren van Van Mierlo hebben plaatsgemaakt voor de hoofddoek. Of dat vooruitgang is, weet ik allemaal niet, maar ik ben ook geen D66'er meer, dus ik geloof gelukkig niet dogmatisch in de vooruitgang. The post De permanente ideologische verwarring bij D66 appeared first on EWmagazine.nl.
wo, 20 okt, 2021
Source: EW Magazine
De Ierse bestsellerauteur Sally Rooney wil niet dat haar boek in het Hebreeuws wordt vertaald. Jos Hummelen, beleidsmedewerker bij het Centrum Informatie en Documentatie Israël (CIDI) legt bloot waarom zo'n boycot geen enkel nut heeft. De internationale boycot tegen Israël maakt van één land de grootste boeman ter wereld. Met een paar goedkope buzzwords als ‘apartheid' krijg je meer mensen boos dan met de buitenlandse politiek van Iran, Rusland, Noord-Korea en China bij elkaar. Dat komt doordat in geen enkel ander conflict ter wereld een kleine, extremistische beweging zo hip is. Jos Hummelen (1988) is beleidsmedewerker bij het Centrum Informatie en Documentatie Israël (CIDI). Hij heeft een master in geocommunicatie. Ingezonden opinieartikelen worden geselecteerd door de redactie, maar vertegenwoordigen niet noodzakelijkerwijs het standpunt van EW. Als steunbetuiging aan de internationale ‘institutionele culturele boycot' tegen Israël, heeft de populaire Iers auteur Sally Rooney geweigerd de rechten van haar nieuwste roman Prachtige wereld, waar ben je te verkopen aan een Israëlische uitgever voor een Hebreeuwse vertaling. Haar boeken worden wereldwijd uitstekend verkocht, waaronder in het Farsi, Russisch en Chinees. Alleen voor Israël maakt zij graag een uitzondering. Waarom? Afstand nemen van ‘apartheid' Rooney heeft op zich niets tegen een vertaling in het Hebreeuws, liet zij weten. Dat zou zij als ‘een eer' beschouwen. Zelfs uitgegeven in Israël. Er is slechts één klein, praktisch bezwaar. Een eventuele Israëlische uitgever moet van haar wel afstand nemen van ‘apartheid' door de Israëlische regering, opkomen voor de rechten van het Palestijnse volk, en, eigenlijk het allerbelangrijkste: ‘goedgekeurd' worden door internationale boycotbeweging Boycot, Desinvestering en Sancties (BDS). Deze kleine groep beroemdheden, influencers, academici en activisten roept op tot een totale boycot van alles wat Israëlisch is. Het effect die de boycot heeft op de welvaart van de Palestijnen of het conflict in het algemeen, doet er voor hen niet toe. Academici boycotten Om te voorkomen dat er zaken worden gedaan in ‘bezet gebied', moet je van BDS maar voor de zekerheid álle Israëlische bedrijven boycotten. Wat ‘bezet gebied' inhoudt, verschilt per aanhanger van BDS. Voor BDS-oprichter Omar Barghouti geldt bijvoorbeeld heel Israël als ‘bezet Palestina'. In elk geval moet je de meeste bedrijven boycotten, waar Palestijnen geld kunnen verdienen om van te leven. BDS houdt het niet bij het onthechten van de Palestijnse en Israëlische economie. Om druk op de Israëlische regering uit te oefenen, moet je ook nog de Israëliërs boycotten die het meest kritisch zijn op hun regering: academici, ongeacht hun politieke opvattingen. Het maakt BDS dan ook niet uit dat deze academici in Israël bijzonder vocaal zijn in het maatschappelijke debat, en oproepen om een oplossing te zoeken voor het conflict met de Palestijnen. Uitzonderingen gelden wel. Diezelfde Omar Barghouti werkt al jaren aan zijn promotie op de universiteit van Tel Aviv. Lees ook dit artikel op EW Podium: Oproep academici tot boycot van Israël is selectief en schadelijk Het totale gebrek aan enig praktisch nut Daarnaast roepen de BDS-fanatiekelingen gratuit op tot een culturele boycot. Hierdoor worden Israëliërs als enig volk beroofd van de mogelijkheid om in hun eigen taal grote schrijvers als Sally Rooney te lezen, die als stem van hun generatie de tijdgeest en het wereldbeeld bepalen van de gehele westerse beschaving. Wat maakt BDS nu zo cool? Het totale gebrek aan enig praktisch nut, net als de meest extravagante mode. Het klinkt zoveel stoerder om gewoon iedereen te boycotten in één land, om bij een ingewikkeld conflict gewoon te eisen dat de ene partij zichzelf opheft. Moreel verheven boven een daadwerkelijke dialoog met elkaar en oneindig veel activistischer dan letterlijk samenwerken, op de werkvloer of op de academie. Het meest principiële wat je kunt doen, volgens deze trendsetters, is elkaar vooral blind blijven haten. Dat is allemaal voor lang niet iedereen weggelegd. Gerechtigheid kun je misschien niet eten, maar tenminste wel lezen. Behalve in het Hebreeuws dan. The post Schrijfster Sally Rooney boycot Israël, maar dat dient geen enkel nut appeared first on EWmagazine.nl.
di, 19 okt, 2021
Source: EW Magazine
Moordcijfer
Dat de burgemeester van Vught bezwaar maakt tegen de dagelijkse transporten van zware criminelen door zijn gemeente, is begrijpelijk. Die leveren een risico op vanwege mogelijke pogingen tot ontsnapping. Bouw een rechtszaal in de Extra Beveiligde Inrichting, suggereert Gerlof Leistra. Bijna elke dag trekt een konvooi van gepantserde wagens door de gemeente Vught om zware criminelen vanuit de EBI naar de beveiligde rechtbank in Amsterdam te vervoeren. Gedetineerden van het kaliber Ridouan Taghi en Willem Holleeder hebben een abonnement op het zwaar bewaakte vervoer. Lees ook: In hoeverre leidde de pandemie tot een stijging van het moordcijfer? Kosten transporten bedragen op jaarbasis vele miljoenen Burgemeester Roderick van de Mortel (VVD) is bang dat criminele handlangers proberen de transporten klem te rijden en de zware jongens helpen ontsnappen. De overlast is bovendien groot. Als de spoorwegovergang dicht is, stappen mannen met bivakmutsen en machinegeweren uit om de wagens te bewaken. De auto's scheuren op volle snelheid langs onder meer een school. De kosten van de transporten bedragen op jaarbasis vele miljoenen. In 2026 komt er een tweede EBI bij in Vlissingen. Dat is alleen nog steeds geen oplossing voor de risicovolle en kostbare transporten. Waarom voorziet justitie EBI's niet van rechtszalen? In Amerika zitten politiebureau, rechtbank en gevangenis vaak naast elkaar. Waarom voorziet justitie de EBI's niet van rechtszalen voor het voeren van grote processen? Dan hoeven de gedetineerden niet over grote afstanden te worden vervoerd. Meer van Gerlof Leistra over dit onderwerp: Screen advocaten van gedetineerden in de EBI Natuurlijk vereist het de nodige organisatie om zo'n proces in de EBI te laten plaatshebben, maar het is op termijn lucratiever. Bovendien is de Bunker in Amsterdam aan vervanging toe. Andere optie is de rechtbank van Den Bosch en later die van Middelburg geschikt te maken voor zwaar bewaakte processen, al blijft ook dan het bezwaar van overlast voor de omgeving van de EBI's. Justitie, verzin een list. The post Bouw een rechtszaal in de EBI om overlast te verminderen appeared first on EWmagazine.nl.
ma, 18 okt, 2021
Source: EW Magazine
Hoe werken de hogere energieprijzen door in de economie? Waar de rekening ook wordt neergelegd, rijker worden we er niet op. Dat plaatst de Europese Centrale Bank voor nieuwe dilemma's, schrijft Marijn Jongsma. Bedrijven zijn niet scheutig met informatie over hun contracten (concurrentiegevoelig!) en dus ontbreekt het aan cijfers, constateren de economen van ABN AMRO in een analyse over de effecten van hogere energieprijzen. Voor slechts een deel van het verbruik zijn de tarieven voor langere tijd vastgesteld. Marijn Jongsma (1969) is economisch redacteur bij EW. Hij blogt wekelijks over financieel- en macro-economische onderwerpen. Het volledig vastleggen van de prijzen is vaak gekoppeld aan een afnameverplichting, wat de bewegingsvrijheid van de afnemer inperkt. Bovendien is een vast tarief in de regel duurder. Voor zover prijzen wel zijn vastgelegd, is dat vaak maar voor enkele maanden. Vroeg of laat moeten bedrijven dus een hogere rekening betalen, net als het gros van de consumenten. Energie-intensieve bedrijven duiken snel in het rood Welke sectoren zijn het meest gevoelig? Qua energiekosten als percentage van de omzet staat de glastuinbouw bovenaan (15,3 procent in 2019, dus voor de coronacrisis), gevolgd door de papier- en kartonindustrie (7,3 procent), de basischemie (4,6 procent) en de basismetaalindustrie (4,1 procent). Dat lijkt op het eerste gezicht misschien mee te vallen. Maar dit is dus het aandeel van de energiekosten in 2019. Inmiddels is de gasprijs 3,5 keer hoger. Daarmee is de kans dat energie-intensieve bedrijven in de rode cijfers komen reëel. In de basischemie, qua omzet (ruim 39 miljard euro) de grootste sector in het bovenstaande rijtje, werd in 2019 3,5 miljard euro winst gemaakt. De energiekosten bedroegen in hetzelfde jaar 1,8 miljard euro. Wie kan de hogere kosten afwentelen? ‘Dat betekent dat bij een verdrievoudiging van de energiekosten de volledige winst kan worden weggevaagd, tenzij ondernemingen erin slagen de afzetprijzen te verhogen,' concluderen de ABN AMRO-economen. Of ze daarin slagen, hangt af van de concurrentie en prijsafspraken met afnemers. Voor de metaalbranche wordt het bijvoorbeeld lastig, concludeert de bank, omdat prijzen zijn vastgelegd en de afnemers (zoals autofabrikanten) vaak veel groter en dus machtiger zijn. Lees ook: Eurozone zoekt uitweg uit het schuldenmoeras En de consument? Die wordt net als de kleinere ondernemer deels gecompenseerd door de overheid, en kan op zijn beurt proberen de rest van de rekening door te schuiven door meer loon te vragen. Hogere energieprijzen tikken door in de inflatie, en komen zo ook op de cao-tafels terecht. Hoe krapper het specifieke deel van de arbeidsmarkt, hoe kansrijker een hogere looneis. Dit proces kan ontsporen als werkgevers hogere lonen terugvragen via hogere prijzen: de beruchte loon-prijsspiraal. De loon-prijsspiraal is de nachtmerrie van iedere centrale bankier, omdat het inflatieverwachtingen opdrijft. Verwachten consumenten en producenten een hogere inflatie, dan gaan ze daarop vooruitlopen door de prijzen en looneisen al bij voorbaat op te schroeven. Een renteverhoging moet de gemoederen dan weer tot bedaren brengen en de inflatieverwachtingen temperen. Wat moet de centrale bank doen bij een externe schok? Zover zijn we nog niet. Op de korte termijn heeft de consument minder te besteden, waardoor de economie een tikje krijgt en de ‘kerninflatie', waarin de energie- en voedselprijzen niet zijn meegenomen, juist onder druk komt. Het begrip ‘kerninflatie' is niet voor niets uitgevonden. De oplopende ‘complete' inflatie in de eurozone is het gevolg van wat economen een ‘externe schok' noemen. Het duidt niet op oververhitting, maar is het gevolg van allerlei oorzaken buiten de eigen economie om (meer vraag naar gas elders, een tegenvallend aanbod). ING-econoom Carsten Brzeski noemt de hogere energieprijzen een ‘welvaartverschuiving'. En dan niet tussen sectoren of tussen bedrijven en burgers, maar geografisch. De eurozone is netto-importeur van gas en olie, en betaalt nu meer aan externe leveranciers als Rusland. Daardoor daalt onze koopkracht en komt de kerninflatie onder druk. Brzeski tegen EW: ‘In het geval van een externe prijsschok moet je als centrale bank of niet reageren, of het beleid juist versoepelen.' Energiecrisis zet duiven en haviken op scherp Lees ook: Lagere lasten op gas? Ja, maar tegelijk ook isoleren stimuleren Het zal bij de Europese Centrale Bank in Frankfurt de eerste optie worden, voorziet de bankeconoom, juist vanwege de vrees dat een (nog) ruimer beleid gezien de krappe arbeidsmarkt alsnog tot de gevreesde loon-prijsspiraal leidt. Een versoepeling zou ook haaks staan op de eerdere aankondigingen om de monetaire impulsen na jaren van crisisbeleid langzaam maar zeker af te bouwen. De discussies binnen het bestuur van Europese Centrale Bank worden scherper, verwachten ze bij ING. De ‘duiven' zullen wijzen op de hogere energierekening als sleepanker voor de Europese economie, de haviken (het kamp waartoe Klaas Knot van De Nederlandsche Bank wordt gerekend) willen een oplopende inflatie voor zijn. Een milde winter, met minder vraag naar gas, zou ook in Frankfurt zeer welkom zijn. The post Hogere energieprijzen jagen de inflatie op. Een dilemma voor de Europese Centrale Bank appeared first on EWmagazine.nl.
ma, 18 okt, 2021
Source: EW Magazine
Na Ronald Reagan en Arnold Schwarzenegger kan Matthew McConaughey de nieuwste filmster worden die overstapt naar de politiek. McConaughey lijkt zich klaar te maken om een gooi te doen naar het gouverneurschap van Texas en heeft grote kans om te winnen, schrijft Victor Pak. Victor Pak (1995) is redacteur bij EW. Wekelijks op zaterdag blogt hij over wat er speelt in de Amerikaanse politiek. De Amerikaanse politiek en showbizz zijn al decennia met elkaar verweven. In 1938 kandideerde Wilbert Lee O'Daniel zich voor het gouverneurschap van Texas. De radioster bracht voor die tijd ongekend grote groepen inwoners van de zuidelijke staat op de been. In plaats van een gebruikelijke politieke campagne organiseerde O'Daniel een rondreizend circus dat draaide om de Bijbel en zijn band de Hillbilly Boys. Show en politiek gaan goed samen O'Daniel stond bekend om zijn razend populaire radioprogramma in Texas en had met zijn band hits als Please Pass the Biscuits, Pappy gescoord. Met overmacht won hij als Democraat de voorverkiezingen en de strijd om het gouverneurschap. Eenmaal verkozen, vergat hij zijn campagnebeloften uit te voeren en besloot hij zich in 1941 te kandideren voor een vrijgekomen Senaatszetel. Die strijd won O'Daniel nipt van de latere president Lyndon B. Johnson. Laatstgenoemde leerde uit zijn verlies een belangrijke les en zorgde dat hij in 1948 in een nieuwe strijd om een Senaatszetel ook een showelement inlaste: Johnson liet zich tijdens die campagne per helikopter vervoeren. Het revolutionaire nieuwe vervoermiddel trok massa's nieuwsgierigen en Johnson won. Geboren Texaan McConaughey ziet gouverneurschap wel zitten Lees over de Texaanse hoofdstad Austin: Eigenzinnige stad midden in conservatief Texas Politici die uit de showbizz komen, zoals Reagan, Schwarzenegger, maar ook oud-president Donald Trump, hebben vooral profijt van hun naamsbekendheid. Dat is de zuurstof van elke politieke campagne. McConaughey heeft die naamsbekendheid. De acteur speelde in kaskrakers zoals How to Lose a Guy in 10 Days en The Wolf of Wall Street. De 51-jarige geboren Texaan ziet nu kansen voor een nieuwe rol in zijn leven, als gouverneur van Texas. Vorig jaar publiceerde hij een autobiografische besteller, wat politici vaak doen voorafgaand aan een verkiezingscampagne. Vorige week vertelde hij in de podcast Sway over zijn carrière als acteur en ging McConaughey in op de vraag of hij interesse heeft in het gouverneurschap van Texas. Een definitieve bevestiging bleef uit. McConaughey uitte wel felle kritiek op zowel Democraten als Republikeinen. Beide partijen laten volgens hem de Amerikaanse democratie verloederen. Ook bekritiseerde hij de nieuwe strenge abortuswetgeving en het coronabeleid in de oliestaat, waar Republikeinen de dienst uitmaken. McConaughey heeft geen partij nodig Toch is het onwaarschijnlijk dat McConaughey zich aansluit bij de Democratische Partij. Gezien zijn naamsbekendheid en persoonlijke financiële vermogen heeft hij de infrastructuur van een politieke partij niet nodig om campagne te voeren. Juist in een staat als Texas is de weg vrij voor een onafhankelijke kandidaat. Want het Republikeinse bastion verkleurt: in de miljoenensteden stemmen kiezers steeds vaker voor een Democraat. Zo is de staat niet langer dieprood, maar heeft die een paarse gloed gekregen. Lees ook: Hoe partijen profiteren van de hertekening van kiesdistricten Daar liggen kansen voor acteur McConaughey. De Republikeinse kandidaat en huidige gouverneur Greg Abbott (63) zoekt de flanken op om aan de macht te blijven, terwijl zijn Democratische tegenstrever Beto O'Rourke (49) held van de progressieve vleugel van zijn partij is. Volgens een peiling in september gaat McConaughey al aan kop, nu is het nog wachten op de aftrap van zijn campagne. The post Is Texas klaar voor gouverneur Matthew McConaughey? appeared first on EWmagazine.nl.
za, 16 okt, 2021
Source: EW Magazine
Als je van hoger onderwijs een ‘marktproduct' maakt, gaan studenten zich gedragen als klanten, schrijft Zihni Özdil, en de klant is koning. Studenten die het ontslag eisen van docenten. Bijvoorbeeld als een jurist tijdens een hoorcollege een racistisch woord citeert dat vroeger werd gebruikt, ik benadruk: citeert. Zihni Özdil (1981) is historicus. Hij schrijft elke zaterdag een column voor ewmagazine.nl. Of als een docente vraagtekens zet bij de norm dat iemand die ‘biologisch als man is geboren' toegang krijgt tot vrouwenfaciliteiten wanneer hij zich identificeert als vrouw. Of het blokkeren van gastsprekers omdat die onwelgevallige uitspraken kunnen doen. Ook al was het eeuwenlang een traditie op universiteiten dat prikkelende sprekers van buiten – van comedians en atleten tot zakenlieden – kritisch door studenten werden bevraagd. Salaris uit onze zakken Het is geen toeval dat deze cancel culture in de afgelopen jaren toeneemt op Amerikaanse, Canadese en Britse universiteiten. De groep studenten die de lesbische en feministische hoogleraar Kathleen Stock wil laten ontslaan van de Universiteit van Sussex omdat zij vraagtekens zet bij de ‘Trans agenda', legt zelf goed uit waarom: ‘Wij zullen niet toestaan dat onze gemeenschap wordt belasterd en geschaad door iemand wier salaris uit onze zakken komt.' De almachtige god van de marktwerking Zowel in de Verenigde Staten als in Canada en het Verenigd Koninkrijk zijn in de afgelopen jaren het collegegeld en de studentenschulden de pan uit gerezen. Want in die landen heeft de politiek op een gegeven moment besloten, in het kader van de almachtige god van de marktwerking, dat onderwijs een ‘product' is en dat studenten ‘onderwijsconsumenten' zijn. Lees ook de column van Geerten Waling: Het gevaar van ‘woke' begint door te dringen Daarom gaan rectoren en universiteitsbesturen in die landen vaak mee in de cancel-eis van studenten. Immers, als je de reputatie krijgt dat je een onaangenaam product levert, zullen minder consumenten je product willen en zul je inkomsten mislopen. In België is onderwijs geen ‘product' Daarom ben ik het ook totaal oneens met de, vooral in rechtse kringen, morele verontwaardiging jegens studenten – pardon, onderwijsconsumenten – die anderen willen cancelen. Want waarom zou je grof geld betalen voor een product dat je helemaal niet wilt? Dat is niet hoe marktwerking werkt. De rector van de KU Leuven durft, in tegenstelling tot rectoren in de Verenigde Staten, Canada en het Verenigd Koninkrijk wel uit te halen tegen cancel culture. Is hij dan zoveel moediger? Nee hoor. In België is onderwijs gewoon geen ‘product'. In België betalen studenten geen tot weinig collegegeld. In België krijgen studenten een beurs. Dus is een universiteit niet financieel afhankelijk van een klein groepje malle schreeuwers van achttien jaar dat een docent op het publieke schavot wil terechtstellen. En hoe zit het in Nederland? Toen ik ruim twintig jaar geleden begon met studeren, hadden we trimesters aan de universiteit. Drie blokken van drie maanden elk. Met zeeën van ruimte voor verdieping en debat. Ook hadden we een basisbeurs en was het collegegeld relatief betaalbaar. Ranglijsten hoger onderwijs Vergelijk 2.182 opleidingen Medailles voor topopleidingen Feiten en cijfers voor studiekeuze Kansen op de arbeidsmarkt Naar Beste studies 2021 Pittige discussies met andere studenten die er een andere politieke mening op nahielden, was de norm. De ideeën viel je keihard aan, maar de persoon liet je in waarde. Met docenten deed je hetzelfde. Zo heb ik eens op hoge toon een hoogleraar geschiedenis aan de tand gevoeld omdat hij weigerde te accepteren dat Indonesië in augustus 1945 onafhankelijk was geworden. We werden het niet eens, maar hij respecteerde mijn mening. En ik, en de studenten die aan mijn kant stonden, voelden geen enkele behoefte om deze hoogleraar, die een wetenschapper van formaat was, te cancelen. Rijksbijdrage per student is gehalveerd Maar sindsdien is ook het Nederlandse hoger onderwijs ‘hervormd' volgens de eisen van de god van de marktwerking. De rijksbijdrage per student is gehalveerd sinds ik begon met studeren. Dat wil zeggen dat universiteiten van de staat per student de helft minder geld krijgen in vergelijking met twintig jaar geleden. En studenten? Terwijl het collegegeld in 1999 nog 1.775 gulden bedroeg (ruim 1.200 euro naar de waarde van nu) is dat in 2021 meer dan 2.100 euro. Studenten krijgen ook geen basisbeurs meer, maar worden dankzij het leenstelsel van GroenLinks gedwongen af te studeren met een last van tienduizenden euro's schuld op hun schouders. Staar je niet blind op het ‘gemiddelde' van 12.000 euro schuld dat door simpele geesten in columnistenland wordt rondgestrooid om te doen alsof het leenstelsel in Nederland niet zoveel voorstelt. Dit gemiddelde bedrag is berekend inclusief het kleine groepje studenten dat ouders heeft met genoeg geld waardoor zij niets hoeven te lenen. Voor de meeste Nederlandse studenten gaat het in de echte wereld om een schuld van 50.000 euro of meer. Al met al kunnen we stellen dat anno 2021 het hoger onderwijs in Nederland ook ‘een product' is geworden dat wordt gekocht door jonge ‘onderwijsconsumenten'. En universiteiten kunnen niet anders dan zich schikken naar de eisen van hun consumenten, want van de staat krijgen ze niet langer zomaar geld. De klant is uiteindelijk koning Ik krijg nu al signalen van docenten in het hoger onderwijs dat ze zelfcensuur zijn gaan toepassen. Dat ze elk jaar meer te maken krijgen met studenten – pardon, onderwijsconsumenten – die bepaalde lesstof überhaupt niet willen bespreken. Meer over de giftige werking van politieke correctheid: Vrijdenken bedreigd op universiteiten De komende jaren zullen zowel de collegegelden als studieschulden stijgen. Want ik geloof na ruim twee jaar in alle eerlijkheid niet meer dat mijn actie tegen het leenstelsel zal leiden tot daadwerkelijk herstel. Daarmee zal de eis van de onderwijsconsumenten ook in Nederland steeds harder worden om meningen (lees: producten) die ze niet wensen, te cancelen. En groot gelijk hebben ze. Hun eis is volkomen volgens de heilige wet van de almachtige god van de marktwerking: de klant is uiteindelijk koning. The post Studenten die ‘cancel culture' willen, hebben groot gelijk appeared first on EWmagazine.nl.
za, 16 okt, 2021
Source: EW Magazine
Taiwan wil een gidsrol vervullen bij de klimaattransitie, schrijft de Taiwanese minister voor Milieubescherming Chang Tzi-Chin in een ingezonden opiniestuk. Maar om de taak waarvoor we staan het hoofd te bieden, is internationale samenwerking nodig. Terwijl de COVID-19-pandemie de wereld in zijn greep houdt, bereikt de concentratie van kooldioxide in de lucht recordhoogten. Het in augustus 2021 verschenen zesde evaluatierapport van het Intergouvernementeel Panel voor Klimaatverandering stelt onomstotelijk vast dat menselijke activiteit de opwarming van de lucht, de oceanen en het land heeft verergerd. De lucht, oceanen, poolgebieden en de biosfeer ondergaan allemaal grootschalige en snelle veranderingen. Chang Tzi-chin (1957) behaalde zijn bachelor in Environmental Engineering aan de National Cheng Kung University in 1980 en zijn master in dezelfde richting aan National Chiao Tung University in 1995. Sinds januari 2019 is hij minister voor Milieubescherming in het kabinet van president Tsai Ing-wen. Ingezonden opinieartikelen worden geselecteerd door de redactie, maar vertegenwoordigen niet noodzakelijkerwijs het standpunt van EW. Ook was het weer in 2021 onstabiel. De winterstorm in de Amerikaanse staat Texas die het energienetwerk ernstig beschadigde en de recordtemperaturen van rond de 50 graden Celsius aan de Noord-Amerikaanse westkust, getuigen daarvan. Ook West-Europa en China hadden te lijden onder zware regenval. Taiwan werd getroffen door de ergste droogte in meer dan vijftig jaar, gevolgd door abnormaal zware regenval. Het laat duidelijk zien welke diepgaande gevolgen de klimaatverandering heeft in de wereld. Een uitdaging voor de gehele internationale gemeenschap De huidige extreme weersomstandigheden vormen een uitdaging voor de gehele internationale gemeenschap. Vandaar dat de Verenigde Naties alle landen oproepen het klimaatakkoord van Parijs uit te voeren en meer proactieve stappen te nemen. Als verantwoordelijk lid van de internationale gemeenschap streeft Taiwan ernaar om bij te dragen aan de wereldwijde inspanning om de klimaatverandering een halt toe te roepen. President Tsai Ing-wen zei dit jaar op Earth Day (22 april) dat het de missie van de wereld – inclusief Taiwan – is om in 2050 netto-nul-uitstoot te realiseren. Ze kondigde ook duidelijke doelstellingen aan voor Taiwan met betrekking tot de uitstoot van broeikasgassen. Tijdens de 33ste vergadering van de Nationale Raad voor Duurzame Ontwikkeling, maakte premier Su Tseng-chang het opnemen van de doelstelling voor netto-nul-emissie in 2050 in het wijzigingsvoorstel van de Greenhouse Gas Reduction and Management Act bekend. Dit toont de vastberadenheid van Taiwan om actief de CO2-uitstoot te verminderen. Ook zullen er meer en sterkere beheersmechanismen, stimuleringssystemen en andere essentiële wijzigingen worden geïntroduceerd om de efficiëntie van het bestuur te verbeteren, instrumenten voor koolstofbeprijzing in te voeren en om strategieën voor aanpak van de klimaatverandering aan te passen. De maatregelen zijn bedoeld om particuliere investeringen in onderzoek en ontwikkeling te stimuleren en publieke participatie in de duurzame ontwikkeling van Taiwan aan te moedigen. Op weg naar netto-nul-uitstoot Taiwan heeft reductiedoelstellingen voor de lange termijn vastgesteld en werkt aan een routekaart om in 2050 netto-nul-uitstoot te realiseren. Het kabinet heeft voor dit doel de betreffende ministeries en instituten gebundeld, een werkgroep geïnstalleerd en professioneel advies ingewonnen bij de Academia Sinica en het Industrial Technology Research Institute. Om zich te concentreren op de sectoren koolstofarme energie, industrie en energie-efficiëntie, groen transport, elektrificatie van voertuigen en koolstofnegatieve technologie, zijn vier werkgroepen gevormd om de technische beoordelingen van de diverse ministeries uit te voeren. Lees ook over Taiwan: Hoe democratische landen de inname van Taiwan willen voorkomen Voor het energie- en industriebeleid komen korte-, middellange- en langetermijnmarkeringen voor 2030, 2040 en 2050, op weg naar netto-nul-uitstoot. Daarnaast hebben de Environmental Protection Administration (EPA) en andere relevante ministeries en instituten een openbare raadpleging gehouden over visies voor 2050 om de sociale dialoog over cruciale kwesties zoals koolstofputten in de land- en bosbouw, CO2-vrije gebouwen, groen vervoer, lage koolstofindustrieën, economische middelen en de transformatie op zich, aan te moedigen. Met participatie uit alle sectoren en investeringen in onderzoek en ontwikkeling in innovatieve technologie, zoekt Taiwan naar het meest geschikte klimaatplan voor zijn duurzame ontwikkeling. Alliantie van ICT-bedrijven Tijdens de COVID-19-pandemie heeft de Taiwanese industrie bewezen een uiterst betrouwbare en belangrijke partner te zijn in de wereldwijde toeleveringsketen. Landen over de hele wereld hebben achtereenvolgens nieuwe doelen voor netto-nul-uitstoot gesteld om een ​​CO2-nul-uitstoot economie tot stand te brengen. De overheid werkt aan een duidelijk en alomvattend CO2-reductieplan en een groene groeistrategie. Samenwerking met particuliere ondernemingen speelt daarbij een cruciale rol. De Taiwan Klimaat Alliantie, gevormd door acht ICT-bedrijven, heeft zich tot doel gesteld om in 2050 in al haar productieprocessen hernieuwbare energie te gebruiken en zal tevens andere producenten in de toeleveringsketen aanzetten om dit doel gezamenlijk te bereiken. Daarnaast streeft de Taiwan Alliantie voor Netto-Nul-Uitstoot, gevormd door traditionele productie-, technologie-, financiële en dienstverlenende industrieën, ernaar om in 2030 op kantoorlocaties en in 2050 op productielocaties een netto-nul-CO2 uitstoot te realiseren. Om de klimaatacties van ondernemingen en andere actoren in de particuliere sector te ondersteunen, heeft de overheid groene financiering en groene obligaties als financiële stimuleringsmaatregel ingevoerd. Dit zorgt voor een positieve spiraal ​​in de investeringen en het streven naar duurzame ontwikkeling vanuit de industrie. Lees ook dit ingezonden verhaal over de machtsstrijd Amerika-China: De symboolfunctie van Taiwan Sleutel ligt in samenwerking Taiwan ligt in een regio die zeer gevoelig is voor de gevolgen van klimaatverandering. Vandaar dat Taiwan al langer bezig is met het formuleren van beleid en het creëren van het juridisch kader daarvoor, evenals met energietransformatie, technologisch onderzoek en ontwikkeling, industriële innovatie, sociale transformatie en ecologische duurzaamheid, als reactie op klimaatverandering. Taiwan hoopt een duurzaam groen thuisland op te bouwen, vanuit het perspectief van aanbod, productie, vraag en milieubescherming. Daarnaast zal Taiwan zijn ervaringen en capaciteiten blijven delen met de internationale gemeenschap om deze crisis te boven te komen. De geest van inclusiviteit en samenwerking blijft de sleutel tot het versnellen en uitbreiden van de mondiale klimaatinspanningen. Hoewel Taiwan geen lid is van de Verenigde Naties, streeft het ernaar als gidsland te fungeren voor de internationale gemeenschap. We blijven samenwerken met andere landen voor een wereld met netto-nul-uitstoot in de toekomst en een veerkrachtigere leefomgeving die recht doet aan komende generaties. The post Taiwan wil CO2-uitstoot naar nul en daarvoor samenwerken met Nederland appeared first on EWmagazine.nl.
vr, 15 okt, 2021
Source: EW Magazine
In Afghanistan neemt het voedseltekort toe. Maar als het buitenland (lees: de voormalige vijanden uit het Westen) de zorg voor de bevolking op zich neemt, heeft het moslim-extremistische regime de handen vrij, schrijft Robbert de Witt. Het zijn niet zomaar overgangsperikelen waarvan de Afghanen last hebben, de gebruikelijke strubbelingen wanneer de ene regering plaatsmaakt voor de volgende. De Afghaanse economie was al een van de zwakste ter wereld toen de Taliban het land overnamen in augustus. Door extreme droogte waren veel oogsten bovendien mislukt, met voedseltekorten tot gevolg. Het importeren van voedsel is duur. Toen duidelijk werd dat de Taliban weer de baas zouden worden, werden de problemen groter: meteen na de machtsovername gingen de banken dicht. Die zijn inmiddels weer open, maar er is nog steeds een groot tekort aan contant geld. Dat heeft ook te maken met het vertrek van de Amerikanen en hun bondgenoten, die veel geld meebrachten. Sinds de Taliban de baas zijn, hebben de Verenigde Staten zeker 9 miljard dollar van de Afghaanse overheid ‘bevroren'. Om te voorkomen dat de Taliban er bijvoorbeeld wapens van kopen staat het vast op buitenlandse bankrekeningen. Robbert de Witt (1978) is Buitenlandredacteur bij Elsevier Weekblad. Hij blogt wekelijks op donderdag over mondiale ontwikkelingen en de gevolgen ervan voor Nederland en Europa. Werkende Afghaanse vrouwen blijven thuis Sommige problemen zijn een direct gevolg van de extremistische overtuigingen van het nieuwe regime. In veel huishoudens waren vrouwen kostwinner of namen ze een belangrijk deel van het huishoudinkomen voor hun rekening. Veel vrouwen blijven nu thuis. Soms omdat ze niet meer mogen werken, maar ook omdat ze voor hun veiligheid vrezen als ze naar hun werk gaan. Alles bij elkaar opgeteld, concluderen humanitaire organisaties, dreigt er een groot probleem voor de Afghanen. Voedseltekort, en dat met een naderende strenge winter. Waarom moet het Westen weer helpen? Volgens schattingen hebben 14 miljoen Afghanen de komende maanden te weinig te eten. Dat zijn cijfers om stil van te worden – hoewel sceptici, deels terecht, zullen opmerken dat hulporganisaties altijd sneller alarm slaan dan dat ze de situatie relativeren, al was het maar om hun collectebussen goed gevuld te houden. Er is kortom alle reden om de Afghanen te hulp te schieten. Nu zal de cynische lezer denken: waarom moeten wij, westerlingen, dat dan weer doen? Er zijn immers genoeg welvarende landen dichter in de buurt die het land kunnen helpen. Maar het waren wel de westerse landen die zich de afgelopen decennia hebben bemoeid met Afghanistan, en die westerse landen hebben deze zomer het land na twintig jaar plots verlaten. De rijke Golfstaten hebben zich nooit bekommerd om de Afghanen. Een nogal problematische conclusie Lees ook: Hoe doet de Afghaanse gemeenschap het in Nederland? Deze week was er een G20-top, een bijeenkomst van de twintig rijkste en invloedrijkste geïndustrialiseerde lanen. Er werd uitgebreid gesproken over de situatie in Afghanistan. De nogal problematische conclusie: ja, we zullen de Afghanen helpen, met honderden miljoenen euro's. En noodzakelijkerwijs zullen de Taliban worden betrokken bij de verdeling van dat geld om de ernstigste noden van het Afghaanse volk te verlichten. Maar dat betekent niet dat we daarmee de Taliban erkennen als de rechtmatige regering van het land. Volgens de Italiaanse regeringsleider Mario Draghi was het doel van de top in Rome ‘het Afghaanse volk humanitair te helpen en tegelijk het belang van de bescherming van mensenrechten en vrijheden te onderstrepen'. Nou, ga er maar aan staan. Afghanistan laat nu juist zien dat het soms onmogelijk is om allebei te doen. Ook de Taliban hebben geldtekort Elke euro of dollar om de Afghaanse bevolking te helpen, hoeft niet te worden uitgegeven door de Taliban. Dat regime heeft evenzeer een groot tekort aan geld. Handig dus als het buitenland (lees: de voormalige vijanden uit het Westen) de taak op zich nemen om te zorgen voor de bevolking. Daarmee helpt voedselhulp ook het moslim-extremistische regime. Lees ook: Joe Biden en het einde van de westerse zendingsdrang Het volledig isoleren van Afghanistan daarentegen zal het regime ongetwijfeld verzwakken, wellicht tot het punt dat de Taliban niet in staat blijken om voor de Afghanen ‘te zorgen' en worden verjaagd. Maar dat kan lang duren, en intussen zullen de gewone Afghanen lijden. Twee maanden na de val van Kabul zijn er nog steeds alleen maar slechte opties. The post Wie de hongerende Afghanen helpt, helpt ook de Taliban appeared first on EWmagazine.nl.
do, 14 okt, 2021
Source: EW Magazine
Vorige week was het de Week van de Diversiteit. Helaas hebben we Ridouan Taghi er niet over gehoord, hoewel hij waarschijnlijk een aardig goede kijk heeft op het opzetten van een diverse organisatie, gezien zijn leidinggevende rol binnen de Mocromaffia. Diversiteitsadviseurs zouden het nodige van hem kunnen leren, schrijft Constanteyn Roelofs. Constanteyn Roelofs Wekelijks verkent historicus Constanteyn Roelofs (1989) de tragikomische tegenstrijdigheden in economie en maatschappij. De naam Mocromaffia is namelijk niet helemaal terecht: er zitten immers niet alleen Mocro's in de organisatie. Ghanezen, Antillianen, Brabanders, douaniers uit de Regio Rijnmond: de loonlijst van een internationaal cocaïnesyndicaat kent alle kleuren van de regenboog. Om met de leveranciers te kunnen praten, moet je over een aardig woordje Spaans beschikken en het klantenbestand van de cocaïnedealer is zeer divers – van Italiaanse toeristen tot de Urker jeugd via de glazen torens van de Zuidas.* Geregeld worden er joint-ventures opgezet met de cousins uit Rusland of Albanië. De Mocromaffia heeft geen programmamanager diversiteit nodig Dat vraagt om uitstekende interculturele communicatieve vaardigheden, niet in de laatste plaats omdat miscommunicaties in het criminele circuit dikwijls eindigen met betonnen schoenen. Je vraagt je af hoe dat dan tot stand komt. Zitten de Mocromaffiozen met z'n allen in een zaaltje met een kop vieze automatenkoffie terwijl zo'n diversiteitsexpert met een moeilijke bril en een duur diploma van een faculteit sociale wetenschappen ze vooroordelen op post-its laat schrijven? Lees ook: Tirannie van het diversiteitsdenken bedreigt de burger Het lijkt me niet dat er zoiets is als een programmamanager diversiteit en inclusie binnen de Mocromaffia – maar ik kan me vergissen. Eerder lijkt het me dat er door de enorme winsten in de cokehandel een convergent belang is tussen verschillende verder insulaire en endogame etnische migrantengroepen, waardoor culturele verschillen in het belang van de handel onder het tapijt worden geveegd. Het uitvergroten van verschillen is verdienmodel van de diversiteitswereld Hoe anders is dat binnen de organisaties die we wél druk op social media zien: overheden, universiteiten, grote corporates. Daar moet wel iedereen op zo'n sessie en is er wel een groot budget voor diversiteit en inclusie. Het gaat hier om tientallen miljoenen aan subsidies, banen en opdrachten voor externe diversiteitsadviseurs. Binnen de diversiteitswereld is juist het uitvergroten van onderlinge verschillen het verdienmodel, of het verzinnen van vage, onoplosbare problemen als ‘geïnternaliseerde witheid' en ‘micro-agressies', zoals de misdaad van een opmerking maken over het afrokapsel van een collega of het gebruiken van het verkeerde persoonlijk voornaamwoord om iemand aan te spreken. Als we morgen discriminatie hadden opgelost, hadden er duizenden beroepsdiversities geen werk en kunnen we halve faculteiten van de Universiteit van Amsterdam opdoeken. Op pais en vree verkoop je geen diversiteitstraining à 250 euro per uur. Logisch dus dat elk verschil breed wordt uitgemeten: zo heeft de Universiteit van Amsterdam inmiddels ‘op tijd komen' en ‘niet jokken' tot perfide koloniale witheid verklaard, die we, gesubsidieerd, moeten bestrijden. We leiden in Nederland meer sociale wetenschappers op dan loodgieters Lees ook: Waarom woke gevaarlijker is dan jaren zestig In de diversiteitsmaffia convergeren handige sociaal ondernemers, idealisten die niet van de lucht kunnen leven, de sekte van de postmoderne sociale wetenschappers en bakra's met een reddertjescomplex juist in een economisch model waar etnische verschillen worden uitvergroot. Ergens is het misschien ook wel goed: we leiden in Nederland meer sociale wetenschappers op dan loodgieters en die mensen moeten tenslotte ook wat te doen hebben. Idle hands are the devil's workshop. Enfin, gemiste kans om zo'n ervaringsdeskundige aan het woord te laten bij zo'n belangrijk vraagstuk als etnische diversiteit in multinationale organisaties. Overigens zit er wel een vlekje op Taghi's verder uitstekende personeelsbeleid: tot nu lijkt het erop dat zijn boevenorganisatie geheel en al uit mannen bestaat. En dat, lieve lezers, kan in 2021 echt niet meer. *(Semi-gerelateerd punt, maar Marokkaanse drugsdealers zijn waarschijnlijk de best geïntegreerde Marokkanen met het breedste contact met de rest van de samenleving. In een markt met een ongedifferentieerd product moet je immers op service en snelheid concurreren – de dealer die vriendelijk en snel levert, wordt teruggebeld. Een glimlach is gratis!) The post Wat de gesubsidieerde diversiteitsmaffia kan leren van de Mocromaffia appeared first on EWmagazine.nl.
wo, 13 okt, 2021
Source: EW Magazine
Zijn inspanningen en goede bedoelingen ten spijt: Leo Kwarten heeft in zijn leven heel wat Arabieren beledigd. Het beste advies voor de bijdehante Nederlander? Hou je gewoon gedeisd. Voor zijn uitzending naar Syrië had ik hem nog zo gewaarschuwd: hou je gedeisd tijdens vergaderingen in de Arabische wereld. Maar dat was tevergeefs geweest. De Nederlandse ingenieur werkte nog geen maand in Damascus of hij ging er al met gestrekt been in. Het gebeurde tijdens een ontmoeting tussen het westerse bedrijf waarvoor hij werkte en ambtenaren van het Syrische ministerie van Olie. De Syriërs hadden hun westerse counterparts een glossy brochure ter hand gesteld onder de titel ‘De toestand van de olie in Syrië'. Hij zag er gelikt uit, en ze waren er duidelijk trots op. Leo Kwarten (1957) is arabist en antropoloog. Als zelfstandig gevestigd adviseur werkt hij voor bedrijven die opereren in het Midden-Oosten. Daarnaast publiceert hij over politiek en religie in de regio. Toch duurde het niet lang voordat de Nederlander meende een fout te hebben ontdekt, en wel op pagina 10. ‘Productiecijfer klopt niet,' deelde hij de verbouwereerde Syriërs mee. ‘Veel te hoog.' Eerst probeerden de ambtenaren nog te doen alsof ze niets hadden gehoord, maar toen de Nederlander bleef aanhouden werd de sfeer grimmig. ‘This report has been approved by the minister himself,' antwoordden de Syriërs ijzig. De minister had het rapport hoogstpersoonlijk goedgekeurd. ‘Kan wel wezen,' zei de Nederlander. ‘Maar toch klopt het niet.' Dezelfde dag lieten de Syrische autoriteiten weten dat ze zijn verblijfsvergunning hadden beëindigd. En wel per direct: binnen 24 uur het land uit. Gezicht is eer, respect en mannelijkheid Gezichtsverlies is een dingetje in de Arabische wereld. ‘Gezicht', dat is eer, respect en mannelijkheid. Eer maakt het leven waard om geleefd te worden. Jezelf, je familie, de organisatie waarvoor je werkt, moeten gezien worden als succesvol en vrij van smetten, in elk geval voor de bühne. Niemand – en zeker je superieur niet – mag publiekelijk het onderwerp worden van kritiek, lachsalvo's of kwaadsprekerij. Wat je er privé van vindt, laat je achterwege. Zoals een Arabische journalist het uitlegde: ‘Als de hoofdredacteur in het openbaar een harde wind laat, zeg je dat hij zingt als een kanarie. Thuis vraag je je af wat hij in godsnaam heeft gegeten.' Deze Arabische gevoeligheden laten zich slecht verenigen met de Nederlandse poldercultuur. Waar tijdens vergaderingen in Nederland iedereen wordt geacht ‘actief aanwezig te zijn' en zijn collega's tot vervelens toe te ‘triggeren', moet je in het Midden-Oosten vooral je mond houden. Een Nederlandse expat had het tijdens een bijeenkomst in Riyad gewaagd zijn Saudische superieur te ‘challengen'. De Saudiër bleef er stoïcijns onder, maar nam hem naderhand wel even terzijde. ‘Doe dat nooit meer waar anderen bij zijn,' zei hij. ‘Anders…' Hij maakte met zijn hand een wapperend gebaar ter hoogte van zijn strottenhoofd. De CEO voert het woord, niemand anders Het was dan ook niet verwonderlijk dat toen ik een paar jaar geleden in Basra een teambuildingsessie gaf voor een gemengd Irakees-Europees managementteam, geen van de Irakezen iets zei. De Irakese CEO zat erbij. Híj voerde het woord en niemand anders. Elke aanvulling door ondergeschikten kon immers worden uitgelegd als kritiek op de CEO en dus gezichtsverlies. Om 's mans monoloog te doorbreken, vroeg ik beide groepen, de Irakezen en de Europeanen, om twee lijsten te maken. De eerste van zaken die ze irritant vonden in de samenwerking met de ander. De tweede van zaken die ze juist waardeerden. Lees ook deze blog van Leo Kwarten: Gewoon een kop koffie drinken in Bagdad is niet zonder risico De deelnemers hadden beduidend minder moeite met de eerste lijst dan met de tweede. De Irakezen vonden vooral de Nederlanders ‘onbeschoft' en ‘kleinerend', terwijl de Europeanen zich doodergerden aan Irakese collega's die tijdens vergaderingen zaten te telefoneren. Toen ik de Irakezen vroeg om een reactie, nam de CEO het woord. ‘Ach, dat valt reuze mee,' zei hij. Op hetzelfde moment ging zijn mobiel. Hij keek op het scherm, besloot de oproep te beantwoorden en draaide zijn stoel om. Terwijl hier en daar monden openvielen, stopte een van de Irakezen me een briefje toe: ‘Mister Leo, good time for break.' Tijd voor een korte pauze. Helaas heb ik genoeg Arabieren beledigd In de Arabische wereld is men voortdurend bezig met het vermijden van gezichtsverlies, voor zowel zichzelf als voor de ander. Als iemand je uitnodigt, maar je hebt al een afspraak, kun je beter zeggen dat je ‘een beetje moe bent'. Dan hoeft niemand zich beledigd of afgewezen te voelen. Weigering of falen kun je het beste wijten aan overmacht, zoals ziekte, een dwarsliggende baas of technische storingen. Toen iemand me ooit een duur cadeau gaf, terwijl ik wist dat hij een mager salaris had en bovendien een ernstig ziek kind, gaf ik hem wat geld. Zijn verontwaardiging – ‘Wát, betalen voor een cadeau?' – pareerde ik met: ‘Welnee, niet voor jou, maar voor je zoon. Kan hij iets leuks kopen.' Toch vrees ik dat ik in mijn leven genoeg Arabieren heb beledigd. Zoals tijdens die schaakpartij aan de Eufraat, waarbij mijn tegenstander woedend een klap onder het bord gaf nadat hij in het bijzijn van zijn vrienden schaakmat was gezet. Of die Saudische hoogleraar in Jeddah, die ik in mijn naïviteit een boek van de Franse antropoloog Claude Lévi-Strauss had gegeven – in het Frans en ten overstaan van zijn collega's – niet beseffend dat hij die taal niet beheerste. Het is nooit meer goed gekomen tussen ons. Meer van Leo Kwarten: Het valt waarachtig niet mee een Arabische Bovenbaas te zijn Vriendelijk afscheid Maar toen er laat op de avond op mijn hotelkamerdeur in de Libische hoofdstad Tripoli werd geklopt, was ik gelukkig wel alert. Een vriendelijke Libiër met een deuropeningvullend postuur stelde zich voor: ‘Ik ben Mahmoud. Zou ik bij jou mogen douchen?' Gezien de omstandigheden was dat niet eens zo'n vreemde vraag. Alles was kapot in dit hotel, of ontvreemd. Van de vijf lampen in mijn kamer waren er vier kapot, terwijl de wc niet doortrok. Ik vroeg Mahmoud of zijn eigen douche kapot was. ‘Welnee,' zei hij, ‘maar ik wil gewoon samen met jou onder de douche.' Ah, op die manier. ‘Mahmoud,' zei ik, ‘ik voel een knetterende hoofdpijn opkomen.' We hebben vriendelijk afscheid genomen. The post Gezichtsverlies is wel een dingetje in de Arabische wereld appeared first on EWmagazine.nl.
di, 12 okt, 2021
Source: EW Magazine
In principe worden de Europese begrotingsregels, officieel in de ijskast sinds de coronacrisis, in 2023 weer van kracht. Maar het simpelweg aansnoeren van het oude ‘korset' is een gepasseerd station, schrijft Marijn Jongsma. In Brussel wordt al volop gediscussieerd over hoe een nieuw stabiliteits- en groeipact eruit zou moeten zien. De oorspronkelijk opzet was een begrotingstekort en een staatsschuld die respectievelijk maximaal 3 procent en 60 procent van het nationaal inkomen (bbp) bedragen. Afgelopen zomer steeg de gemiddelde staatsschuld tot boven de 100 procent van het bbp. Dat was voor het eerst sinds de (girale) invoering van de euro in 1999. Marijn Jongsma (1969) is economisch redacteur bij EW. Hij blogt wekelijks over financieel- en macro-economische onderwerpen. Nederland zit in een heel klein degelijk groepje De verschillen zijn groot. Italië zit op 160 procent, Griekenland boven de 200 procent. Ook Spanje, Portugal, Frankrijk en België torsen een bovengemiddelde schuld. Nederland behoort tot het selecte groepje eurolanden dat al wel aan de criteria met betrekking tot de maximale staatsschuld voldoet. De rest van dit selecte gezelschap: de Baltische staten en Luxemburg. Zwaargewicht Duitsland zit daar dus niet bij, maar behoort met ruim 70 procent ook tot de beste jongetjes van de klas. In dit speelveld is het herinvoeren van de oorspronkelijke opzet politiek onhaalbaar, maar in economisch opzicht ook onverstandig. Het verschil tussen de huidige staatsschuld en het maximum is dermate groot, dat er enorme bezuinigingen nodig zouden zijn (of een forse belastingverhoging). Zo'n stap is een garantie op een recessie. En bij een krimp van de economie loopt de schuld als percentage van het bbp vanzelf verder op. Hoge schulden, lage groei, grote verschillen We kunnen ons kwaad maken over het feit dat het stabiliteits- en groeipact vanaf het begin een wassen neus is gebleken, en dat overtreders ervan (de eerste waren Duitsland en Frankrijk!) nooit zijn beboet. Maar daarmee veranderen we de huidige situatie niet. De hoop was dat de lidstaten binnen een muntunie meer naar elkaar zouden toegroeien; het tegendeel bleek het geval. Lees ook dit omslagverhaal over Schuld: betalen we het geld ooit terug? Intussen is de eurozone kwetsbaar, zo schetste hoogleraar economie Roel Beetsma recent tijdens de bijeenkomst Vrek of Visionair, georganiseerd door het Sustainable Finance Lab. De groei ligt structureel laag en verschilt sterk per land, met het zeer ruime monetaire beleid is de gereedschapskist van de Europese Centrale Bank (ECB) nagenoeg uitgeput. De schulden (ook van burgers en bedrijven) zijn hoog waardoor een krapper beleid veel schade zou aanrichten. Intussen neemt de inflatie toe en liggen er twee ‘dure' dossiers op tafel: klimaatverandering en vergrijzing. Hoe eruit te komen? De grote vraag: hoe komen we hieruit? Tot dusver hobbelen we van crisis naar crisis. Compromissen worden steevast op het laatste moment gesloten, gezien de voortdurende vrees dat de ‘vrekkige' landen moeten opdraaien voor de schulden van de lidstaten die forse schulden dragen. Voorstanders voor een ‘Verenigde Staten van Europa' zien hierin een argument om de integratie te versnellen en een deel van de uitgaven binnen de eurozone gezamenlijk te financieren. Deze richting kan ook eenvoudig het predikaat groen opgeplakt krijgen, door de gezamenlijke pot geld voor klimaatuitgaven te reserveren. Het verschil in visie over de toekomst van Europa is terug te zien in de totaal verschillende interpretaties van het zwaar bevochten coronaherstelfonds (officieel NextGenerationEU genoemd): van eenmalige stap in het kader van de pandemie tot eerste stap op weg naar een ‘transferunie' waarbij lidstaten elkaars schulden gaan dragen. De scenario's: van gestaag door tot marktwerking In opdracht van het kabinet onderzocht de commissie Europese Economie, onder leiding van Roel Beetsma, eerder de opties. ‘Gestaag door' en ‘doorpakken' lijken veel op de hierboven beschreven opties. De andere: het vormen van een kopgroep (‘meerdere snelheden') en ‘meer markt'. Die laatste variant zal de tegenstanders van verdere Europese integratie als muziek in de oren klinken. Landen moeten dan orde op zaken stellen door de tucht van de markt te voelen. Anders gezegd: wordt er geen verstandig beleid gevoerd dat de groei op een hoger plan kan brengen, dan verliezen beleggers het vertrouwen en moet er een hogere rente op de staatsschuld worden betaald. Het voordeel is evident: ‘de markt' is een harde scheidsrechter, en geen club vergadertijgers die de lieve vrede wil bewaren. Deze opzet werkt alleen als landen elkaar niet steunen, en de ECB de markt niet langer verstoort met grootschalige obligatie-opkopen. Zuivere aanpak, maar zijn we er klaar voor? Dat klinkt als de meest zuivere aanpak, maar het huidige ECB-beleid is er nu juist gekomen omdat de rente in probleemlanden omhoogschoot. En vallen die landen om, dan leidt dat via het web aan economische en financiële dwarsverbanden ook tot problemen in lidstaten die de tucht van de markt wel aan kunnen. Dat weet de commissie-Beetsma natuurlijk ook: deze optie is lastig ‘zonder eerst schulden uit het verleden af te bouwen'. De gehele HJ Schoo-lezing ‘Samen sterker aan de crisis' van Klaas Knot in boekvorm bestellen? Dat kan in onze webshop Ondenkbaar? Klaas Knot, president van De Nederlandsche Bank, noemde deze ‘andere optie' wel degelijk in de HJ Schoo-lezing van 2020, al noemde hij deze wel ‘verre van probleemloos'. Een van de grootste bezwaren is dat landen met hoge schulden zo worden beloond voor slecht gedrag. En wie garandeert dat de schulden daarna niet weer de pan uitrijzen? Harald Benink, hoogleraar banksector en financiering, heeft hier iets op bedacht. Maak afspraken over hervormingen die de groei aanjagen, en beloon de deelnemende landen achteraf met subsidies of schuldkwijtschelding. Het zou een route richting herstel van de markttucht kunnen zijn. Een route vol politieke voetangels en klemmen, dat wel. Is de Europese Commissie krachtig genoeg om een beloning te weigeren als nationale politici hun afspraken niet nakomen? Zolang ‘Brussel' de grote boeman is, wordt elk scenario lastig uitvoerbaar. The post Eurozone zoekt uitweg uit het schuldenmoeras. Meer marktwerking vraagt schuldverlichting appeared first on EWmagazine.nl.
ma, 11 okt, 2021
Source: EW Magazine
EBI Vught
Dat Ridouan Taghi nota bene vanuit de Extra Beveiligde Inrichting via zijn neef en advocaat een half jaar lang met handlangers buiten communiceerde, is schokkend en bedreigend. Screening van raadslieden voor deze zwaarste categorie gedetineerden is geboden, schrijft Gerlof Leistra. Vanaf maart tot zijn aanhouding vrijdag 8 oktober sprak mr. Youssef Taghi tientallen keren urenlang in de spreekkamer van de Extra Beveiligde Inrichting (EBI) in Vught met zijn neef Ridouan Taghi, vermeend opdrachtgever van een reeks liquidaties. Ook belde hij veelvuldig met zijn cliënt via zijn advocatennummer dat niet mag worden afgeluisterd. Lees ook dit commentaar van Gerlof Leistra terug: Bouw zo snel mogelijk meer Extra Beveiligde Inrichtingen Als ‘media-advocaat' had hij ongelimiteerd toegang. Eind vorig jaar maakte het Openbaar Ministerie (OM) bezwaar tegen zijn rol, maar de deken van de Orde van Advocaten gaf na onderzoek toestemming, omdat belastend bewijs ontbrak. Taghi sprak met advocaat over ontsnapping uit EBI Uit onderschepte berichten concludeerde het OM vervolgens dat Taghi met zijn advocaat onder meer sprak over een gewelddadige ontsnapping en drugshandel. Zijn neef fungeerde als boodschappenjongen, zo bleek ook uit afgeluisterde gesprekken in de spreekkamer van de EBI toen hij eenmaal verdacht werd. Natuurlijk hebben gedetineerden recht op bijstand van een advocaat en mogen ze die zelf kiezen. Een familieband is geen reden voor een verbod. Om te voorkomen dat gedetineerden advocaten gebruiken voor criminele doeleinden, is screening nodig van ‘EBI-advocaten'. Zo'n systeem bestaat al voor het Internationaal Strafhof en stelt onder meer eisen aan de integriteit. Wie eerder is berispt, valt af. Vraag is of Orde van Advocaten serieus onderzoek kan doen Klachten over een advocaat worden nu afgehandeld door de lokale deken van de Orde van Advocaten. Vraag is of die serieus onderzoek kan doen. Bovendien bestaat de kans dat zo iemand wordt bedreigd en uit angst zwicht. Lees ook: Politie had Peter R. de Vries moeten beveiligen Alleen al vanwege risicospreiding zou het verstandig zijn voor zo'n onderzoek een aparte commissie in te stellen. Die kan naast een deken van de Orde bestaan uit bijvoorbeeld een rechter-commissaris en een onafhankelijke deskundige. Zonder aanpassing van de regels kunnen criminelen vanuit de EBI ongestoord hun zaken voortzetten via malafide raadslieden. Deze route moet worden afgesneden, ook al is niet uitgesloten dat ze weer een nieuw gaatje vinden. The post Screen advocaten van gedetineerden in de EBI appeared first on EWmagazine.nl.
ma, 11 okt, 2021
Source: EW Magazine
Het migratiebeleid van Donald Trump was soms mensonterend. Toch neemt zijn opvolger cruciale delen van dat beleid over. Zo spreekt Joe Biden humane woorden, maar verandert hij het beleid van Trump amper, schrijft Victor Pak. Deze zomer mocht Kamala Harris in Guatemala het immigratiebeleid van de Biden-regering toelichten. Haar boodschap was duidelijk. ‘Kom niet naar de Verenigde Staten. Als je wel komt, zullen wij je terugsturen.' Victor Pak (1995) is redacteur bij EW. Wekelijks op zaterdag blogt hij over wat er speelt in de Amerikaanse politiek. Voor de progressieve vleugel van de Democraten was dat een fikse tegenvaller. Harris, de eerste vrouwelijke vicepresident, is in hun ogen een held, maar dit paste niet in het ideale linkse wereldbeeld. Daarin moeten grenspolitie en douane worden afgeschaft en is iedereen welkom in de Verenigde Staten. Weinig Amerikanen steunen ruimhartig asielbeleid Biden weet beter. De bijnaam chef-uitzetter die president Barack Obama kreeg, was geen belediging. De waardering van ruimhartig asielbeleid is gering in de Verenigde Staten: maar één op de drie Amerikanen wil dat er meer migranten worden toegelaten. Tijdens zijn campagne ging president Joe Biden niet mee in het wensdenken van links, maar beloofde wel dat het anders zou worden dan onder Trump. Hij noemde het beleid van zijn voorganger crimineel. Op de eerste dag van het presidentschap ondernam hij actie: decreten van Trump werden ingetrokken, zodat verblijfsvergunningen gemakkelijker worden verleend en de bouw van de grensmuur is gestaakt. Biden zet immigratiebeleid van Trump op belangrijke onderdelen voort Toch bleven belangrijke onderdelen van Trumps immigratiebeleid intact. Zo handhaafde Biden een maximum van 15.000 vluchtelingen dat de Verenigde Staten welkom heetten van 1 oktober 2020 tot 30 september 2021. Pas na stevige druk van progressieve Democraten schroefde Biden de limiet flink omhoog, naar 125.000. Toch boekten Trump en Biden gezamenlijk een laagterecord: slechts 11.445 vluchtelingen kwamen de afgelopen twaalf maanden het land binnen. Lees ook: Migratiestroom naar Amerikaanse zuidgrens breekt record na record Ook maakt Biden gretig gebruik van een wetsartikel dat Trump inzette om asielzoekers uit te zetten zonder dat zij asiel konden aanvragen. De Amerikaanse overheid kan dat doen als het toelaten van asielzoekers de publieke gezondheid in gevaar brengt. Sinds de coronapandemie zette Trump het zogenoemde wetsartikel title 42 in. Dubieuze mediarel om paardenfoto van grensagenten Voor Biden kwam die bepaling eind september goed van pas toen duizenden Haïtianen een nieuwe crisis aan de grens veroorzaakten. Dankzij het wetsartikel kon Biden duizenden uitzetten zonder hun het recht te geven om een stroperige asielprocedure te starten. Het vastzetten van de migranten bezorgde Biden nog een crisis in een crisis nadat een foto van grenswachten te paard voor ophef zorgde. De foto zou gelijkenis tonen met de manier waarop slaven werden behandeld. Zo werd geïmpliceerd dat grenswachten hun paardenzweep tegen de asielzoekers inzetten, al was daar geen bewijs voor. For all you Twitter warriors out there: these are NOT whips. And no, Border Patrol agents are NOT "whipping" people. They are REINS… Stay with us here, like a steering wheel is used to drive a car, the reins are used to “drive” the horse. Thanks for coming to our TED talk. pic.twitter.com/r0n2kXHqvy — National Fraternal Order of Police (FOP) (@GLFOP) September 21, 2021 Uw cookieinstellingen laten het tonen van deze content niet toe. De volgende cookies zijn nodig: marketing. Wijzig uw instellingen om deze content te zien. Bidens woorden sluiten niet aan bij zijn beleid Lees ook dit stuk uit maart 2021: Ook president Joe Biden scheidt migrantenkinderen aan de Mexicaanse grens Media zoals The New York Times moesten hun verhalen aanpassen. Toch zijn de paardenpatrouilles op non-actief gesteld in afwachting van een onderzoek. De rel om de paarden toont aan dat Biden in een spagaat zit tussen zijn progressieve imago uit zijn campagne en het restrictieve immigratiebeleid dat hij van Trump heeft overgenomen. In de rechtbank verdedigt de regering van Biden het gebruik van het wetsartikel om mensen zonder asielprocedure uit te blijven zetten. Biden wil er niet mee stoppen, omdat hij weet dat de immigratierecords dan nog hoger zullen uitvallen. Zo probeert Biden met humane woorden het strenge beleid van zijn voorganger voort te zetten. The post Biden kan heel goed leven met het strenge migratiebeleid van Trump appeared first on EWmagazine.nl.
za, 09 okt, 2021
Source: EW Magazine
Al zestig jaar is christenen pesten de grootste hobby van progressief Nederland, schrijft Zihni Özdil. Het is genoeg geweest. ‘Maar dat betekent dus dat wij besluiten wat deugt?' Zo eindigt een beleefde, doch verhitte WhatsApp-conversatie in april 2018. Ik ben op dat moment lid van de Tweede Kamer voor een groene en linkse partij. Op Twitter had ik aangekondigd schriftelijke vragen te gaan stellen over de financiering van Nederlandse moskeeën en (weekend)scholen door islamitische dictaturen. Het doel van die islamitische dictaturen, zoals Saudi-Arabië, is om met de inzet van hun oliegeld jongeren in Nederland te vergiftigen met antisemitisme, haat tegen lhbtiqa+, haat tegen het Westen en afkeer van de democratie. Strijd tegen salafisme past perfect bij groene, linkse politiek, dacht ik Zihni Özdil (1981) is historicus. Hij schrijft elke zaterdag een column voor ewmagazine.nl. In alle opzichten zaken waartegen groene en linkse politici in de hele wereld strijden. Kat in het bakje, dacht ik, naïef als ik was. Want terstond kreeg ik een app van een progressief kopstuk, op dat moment lid van het Europees Parlement, van diezelfde Nederlandse groene en linkse partij. Dat ik die schriftelijke vragen echt niet moest gaan stellen. ‘Dit gaat specifiek om geldstromen uit onvrije landen, dictaturen die een zeer intolerante en ook voor Nederlandse moslims schadelijke ideologie verspreiden,' leg ik uit, al vermoedde ik dat zij dit ergens ook wel weet. En Soros in Hongarije? Mag hij daar dan ook geen ngo's financieren? werpt het progressieve kopstuk tegen. ‘Soros is geen dictatoriaal land,' probeer ik nog, enigszins moedeloos, uit te leggen. Tevergeefs. ‘Wij' moeten niet ‘besluiten wat deugt', houdt ze vol. Dat ze zelf carrière heeft gemaakt door continu te ‘besluiten wat deugt' inzake de Hongaarse premier Viktor Orbán en Hongarije was blijkbaar irrelevant. Progressief kopstuk weigert taart van jubilerende SGP te eten Een ander voorbeeld. De SGP bestaat in 2018 honderd jaar. Om dat te vieren, sturen de staatkundig gereformeerde collega's elke andere fractie in de Tweede Kamer een mooie oranje taart met het SGP-logo erop. Leuk en attent. In de fractievergadering van mijn groene en linkse partij weigert een vrouwelijk kopstuk principieel van de SGP-taart te eten. ‘Die partij staat zo ver af van waar ik voor sta,' zegt ze. Volkomen te begrijpen. Want politiek gaat zeer zeker om, als je het in die termen wil gieten, wat je wel of niet vindt deugen. En principes vergen ook principiële grenzen. Lees ook deze spraakmakende column van Zihni Özdil terug: De Joodse lezer interesseert mij niet Ware het niet dat dit Kamerlid het mij in dezelfde adem altijd moeilijk maakte in fractievergaderingen wanneer ik, als woordvoerder integratie, mijn groene en linkse idealen wilde omzetten in het bestrijden van de islamitische SGP, zonder uitzondering ook nog eens ideologisch gestut vanuit het buitenland. Gulen-sekte werd goedgepraat Tegen salafisme moest ik van haar bijvoorbeeld niet zo ongenuanceerd tekeergaan, want ‘er zijn ook vreedzame varianten'. Van de Gulen-sekte moest ik van haar al helemaal afblijven. Want ze kende een paar mannen van de Gulen-sekte. En dat waren echt wel aardige mannen hoor, zei ze. Dat diezelfde Gulen-sekte een oerconservatieve, fascistoïde religieuze sekte is die, ondanks het knuffelbare masker dat ze in het Westen draagt, zelfs een couppoging heeft ondernomen in Turkije, was evenwel irrelevant. Deze voorbeelden zijn geenszins een afrekening. Het is ook niet persoonlijk bedoeld. Ik had ook voorbeelden kunnen geven uit mijn carrière aan de progressieve bolwerken die Nederlandse universiteiten zijn of in de progressieve Nederlandse massamedia. Het gaat me om het illustreren van een algemeen punt. En dat is dat de discrepantie in hoe progressief Nederland het christendom bestrijdt en tegelijk de meest fascistische varianten van de islam beschermt, als je er nuchter naar kijkt, grotesk is. Hun progressieve kwezelarij der lage verwachtingen ten aanzien van kleurlingen in Nederland, tot en met het actief stimuleren van islamistisch fascisme aan toe, heeft inmiddels karikaturale proporties gekregen. Sinds Ezel-proces Reve is christendom in Nederland vleugellam Abonnee worden?Dagelijks op de hoogte blijven van de laatste actualiteiten, achtergronden en commentaren van onze redactie? Bekijk ons aanbod en krijg onbeperkt toegang tot alle digitale artikelen en edities van EW. Bekijk de mogelijkheden voor een (digitaal) abonnement hier Sinds het Ezel-proces van Gerard Reve in de jaren zestig is het christendom in Nederland vleugellam. Christenen belachelijk maken, vernederen, denigreren dan wel hun rechten afpakken, is sindsdien bon ton. In cartoons, in cabaret, in opiniestukken, in boeken en, ook, in de progressieve politiek. Lekker makkelijk en risicoloos. Geen christen in Nederland zal je keel doorsnijden als je zijn religie aanvalt. Deze week genoot progressief Nederland weer van een ‘triomf'. Een verbod op de beginselverklaring die sommige christelijke scholen ouders vragen te ondertekenen om de identiteit van de school te onderschrijven. Poeh. Moedig hoor. Intussen subsidieert Nederland nog steeds de Grijze Wolven – letterlijk Turkse nazi's – voor ‘de integratie'. Krijgt het Moslimbroederschap – ooit opgericht met als inspiratie Hitler – vooral sinds de fatwa in 2010 van religieus leider Yusuf al-Qaradawi dat je in het Westen mag liegen om liberaal over te komen, zolang je maar sluipenderwijs de instituten infiltreert, alle ruimte van Nederland om zijn tentakels uit te breiden. Ik kan pagina's lang doorgaan met voorbeelden van daadwerkelijk religieus fascistische organisaties in Nederland, waarover progressief Nederland willens en wetens de schouders ophaalt. Christendom is de basis van de Nederlandse identiteit De realiteit is dat het christendom de basis is van de Nederlandse identiteit. Van de Statenbijbel – waardoor we een eenheidstaal hebben – tot de boodschap van Jezus van ultieme vergeving en naastenliefde: de waarden waarvoor het christendom staat, dienen in Nederland juist te worden gekoesterd en beschermd. ProtestantDe Reformatie heeft een enorme invloed uitgeoefend op de wereldgeschiedenis. In Protestant komen vele aspecten aan bod van het geloof dat zo'n belangrijk stempel heeft gedrukt op de ontwikkeling van de westerse beschaving. Dit boek bevat interviews en beschouwingen uit EW met de protestantse levensovertuiging als middelpunt. Protestant kost € 15 en is te bestellen via shop.ewmagazine.nl of bel 020-8947553. Alleen al dat ze de laffe vernederingen door zogenaamde progressievelingen vreedzaam ondergaan, getuigt van de verheven beschaving der Nederlandse christenen. Ik ben (nog) geen christen. Dus ik zal deze column niet eindigen met mijn andere wang keren. Maar met een hartstochtelijke oproep aan iedereen in Nederland die onze geschiedenis, cultuur, beschaving en identiteit liefheeft: het is na zestig jaar onophoudelijke pesterijen meer dan genoeg geweest. Pik niet langer dat het Nederlandse christendom op het publieke schavot wordt gezet door zogenaamde progressievelingen. Spreek je uit. En kom in verzet. Het prachtige aan het christendom is dat het een tautologie zou zijn geweest als ik aan ‘verzet' de term ‘vreedzaam' had toegevoegd. The post Laat het christendom met rust appeared first on EWmagazine.nl.
za, 09 okt, 2021
Source: EW Magazine
Armin Laschet, leider van de CDU/CSU, moet hengelen naar de gunst van de twee kleinere partijen de Groenen en de liberale FDP. Maar intussen laat iedereen hem in de steek, schrijft Robbert de Witt. Net als je denkt dat het niet erger kan worden voor Armin Laschet, wordt het dat toch. Allereerst bleek de weinig succesvolle lijsttrekker van de christen-democraten in Duitsland de afgelopen maanden niet in staat te zijn om de negatieve trend in de peilingen om te buigen. Kiezers vonden hem, zo bleek steeds opnieuw, ongeschikt als opvolger van partijgenoot Angela Merkel. Robbert de Witt (1978) is Buitenlandredacteur bij Elsevier Weekblad. Hij blogt wekelijks op donderdag over mondiale ontwikkelingen en de gevolgen ervan voor Nederland en Europa. Maar Laschet en de resterende optimisten rondom hem, wezen op peilingen waaruit bleek dat de CDU/CSU nog populairder was dan rivaal SPD. Op de verkiezingsdag bleek de ‘kanselierskwestie' doorslaggevend. SPD-lijsttrekker Olaf Scholz had dit blijkbaar voorzien en positioneerde zich voortdurend als de meest getrouwe Merkel-imitator. Dat bleek toen hij zich, kort voor de verkiezingen, door de Süddeutsche Zeitung liet fotograferen terwijl hij met zijn handen het beroemde Merkel-teken vormde: de vingertoppen van beide handen tegen elkaar aan, een bedachtzame ruit vormend. In de peilingen zakt Laschets partij nóg dieper weg Scholz' SPD won, nipt, van Laschets CDU/CSU. Inmiddels stuurt Duitsland aan op een regeringscoalitie van drie partijen, een unicum in het land. Want ook in Duitsland slaat de versnippering toe nu de oude machtspartij CDU/CSU niet meer vanzelfsprekend 30-40 procent van de stemmen haalt. De SPD, euforisch over het geweldige verkiezingsresultaat, won met amper 25 procent, in 2017 was dat ruim 20 procent. Dat was toen het slechtste resultaat ooit. Welnu, Laschet doet daar niet voor onder: in de peilingen zakt zijn partij nog dieper weg naar slechts 20 procent van de stemmen. Gevraagd naar wie zij het liefst als bondskanselier zien, zijn de Duitsers vernietigend (vanuit Laschets oogpunt): slechts 9 procent ziet hem als de opvolger van Merkel. Scholz kan rekenen op 54 procent van de kiezers. Een wonderlijke situatie in Berlijn Laschet neemt sinds de vernederende verkiezingen van eind september elke gelegenheid te baat om zichzelf en zijn partij te presenteren als de meest logische en meest aantrekkelijke regeringspartner. Een wonderlijke situatie in Berlijn: Laschet moet, net als Scholz, hengelen naar de gunst van de twee kleinere partijen de Groenen en de liberale FDP. Die zijn immers noodzakelijk voor een coalitie van drie. Meer over dit onderwerp: Wat het pak slaag voor Merkels CDU betekent voor Nederland Want CDU/CSU en SPD willen niet opnieuw samen, en de post-communistische Die Linke ligt niet lekker – laat staan de rechts-nationalistische AfD. Laschet beloofde de Groenen en de FDP al dat zij veel van hun wensen in vervulling zullen zien gaan. Tenminste, als zij voor hem kiezen. Laschet wordt nu ook door zijn eigen partijgenoten in de steek gelaten Maar daar ziet het niet naar uit. De Groenen en de FDP (een klein beetje schoorvoetend) hebben gezegd dat ze eerst met de SPD willen onderhandelen over een nieuwe regering. Dat kan natuurlijk helemaal misgaan – zoals ook gebeurde in 2017, toen de FDP wegliep bij de gesprekken met CDU/CSU en de Groenen. Maar duidelijk is dat de christen-democraten bepaald niet de teugels in handen hebben. Lees meer over de Bondsdagverkiezingen: Rommelige formatie zal beslissen wie nieuwe Duitse kanselier wordt Toch liet Laschet deze week opnieuw weten dat hij Gesprächsbereit is: klaar om de onderhandelingen aan te gaan met FDP en de Groenen. Los van het feit dat die dus liever met Scholz willen koffiedrinken, wordt Laschet nu ook door zijn eigen partijgenoten in de steek gelaten. Markus Söder, de bij de achterban veel populairdere christen-democraat, zei dat hij er niets voor voelt dat de christen-democraten buiten voor de deur moeten wachten tot ze wordt gevraagd of ze willen meedoen. Het gaat ook om ‘zelfrespect en waardigheid', aldus Söder. Söder ziet voor zichzelf nog steeds kansen Söder is niet zomaar iemand: hij verloor nipt de interne strijd om het lijsttrekkerschap van Laschet. De leden wilden liever deze Beierse politicus, maar partij-mastodonten als Wolfgang Schäuble dachten dat de partij meer kans had met de minder lastige Laschet. Een flinke misrekening. Söder ziet voor zichzelf nog steeds kansen, zoveel is duidelijk. De verder sympathieke Laschet heeft er maar mee om te gaan. Pijnlijk allemaal. The post Je zou bijna medelijden krijgen met Armin Laschet, die maar blijft verliezen appeared first on EWmagazine.nl.
do, 07 okt, 2021
Source: EW Magazine
Hoekstra
Beleid wordt steeds minder gemaakt door democratisch aangestuurde ambtenaren, maar door consultants, schrijft Constanteyn Roelofs. Dat heeft Nederland aan zichzelf te wijten: elk land krijgt de elite die het verdient. Door de recente ontwikkelingen rond de slimmigheidjes van demissionair minister Wopke Hoekstra (CDA) met constructies op de Maagdeneilanden en Guernsey viel het me zo in dat van mijn vrienden en jaargenoten op het gymnasium en het corps er wel erg veel consultant zijn geworden. Spreadsheets vol handigheidjes Constanteyn Roelofs Wekelijks verkent historicus Constanteyn Roelofs (1989) de tragikomische tegenstrijdigheden in economie en maatschappij. Kennelijk is dat wat de Elite van Nu doet, of de mensen die het willen worden: strategy consultant worden, het liefst bij McKinsey, BCG of een andere echt goede partij – en als dat niet lukt, zijn er altijd nog de Big Four en ontelbare andere dienstverleners. Lekker de hele dag slimme (belasting)constructies optuigen. Ergens is het ontzettend deprimerend dat we voor al deze hockeyraspaardjes die een keurige klassieke opleiding met Latijn en Grieks hebben genoten, die van jongs af aan naar het Concertgebouw en de grote musea van Europa zijn gesleept, die in perfecte fysieke conditie zijn gehouden met heel veel sport en die ook nog eens een instrument hebben leren spelen, niets beters kunnen verzinnen dan ze maar een beetje spreadsheets vol handigheidjes laten maken. Een beetje slimmer zijn dan de rest We hebben niet meer echt een leger om trots op te zijn, geen groot koloniaal project, geen natuurlijke aristocratie die met waardigheid over het dankbare volk in de velden regeert. Elke traditionele vorm van zingeving voor een elite is tot een ironisch anachronisme verklaard waar je vooral om mag lachen, of gewoonweg ingehaald door de tijd en de techniek. Lees ook dit commentaar van Arendo Joustra over Hoekstra's ‘fout'. Wie wil er nog minister worden? De politiek dan? Ze zetten de Tweede Kamer tegenwoordig liever vol met enthousiaste havisten van het Tweede Garnituur die vooral veilig meestemmen met de partijtop. Niet bepaald ons soort mensen. Waarom zou je ook jarenlang buffelen met flyers en stomme windjacks als je ook gewoon zijdelings minister kan worden, later. Bovendien wordt het beleid steeds minder gemaakt door democratisch aangestuurde ambtenaren maar door consultants. Cut out the middle man. Banken, grote corporates? Zelfde verhaal natuurlijk, want wie worden daar weer ingehuurd? Juist. Nee, het enige wat we in deze ellendige diplomacratie nog te doen hebben voor de elite, is een beetje slimmer zijn dan de rest. En waar kan je laten zien dat je slimmer bent dan de rest? Bij de bureaus die je inhuurt als je een probleem hebt en een extern slim paar ogen behoeft. De consultants. Elk land krijgt de elite die het verdient Enfin, de boven ons gestelden zijn dus de hele dag bezig om slimmer en handiger te zijn dan de systemen die ze zelf hebben opgetuigd. Het zou ook echt raar zijn om de hele dag constructies op te tuigen om binnen de grenzen van de wet zo min mogelijk geld te betalen, maar dan voor je eigen priveetje maar wat aanrommelen. Lees ook van Constanteyn Roelofs: Overheid en politiek zijn een consultantsparadijs Het volk mag er ook graag op mopperen, op dit soort slimmigheidjes, maar geen oprechte Vaderlander die niet elk kwartaal creatief met zijn bonnetjes gaat zitten om te kijken wat hij allemaal niet af kan trekken, of die niet precies weet waar de subsidie te halen is. We zijn nu eenmaal een landje van sjacheraars en handige ritselaars die de punten van de Douwe Egberts-verpakking knippen voor 50 cent korting op een stomme koffiemok – en Wopke en de McKinseyanen zijn de handigste van ons allemaal. Elk land krijgt de elite die het verdient. The post Wopke en de McKinseyanen: ons land krijgt elite die het verdient appeared first on EWmagazine.nl.
wo, 06 okt, 2021
Source: EW Magazine
De Tweede Kamer debatteert woensdag 6 oktober over het massaal experimenteren met een nieuw stembiljet. Kiezers kruisen eerst de partij en pas daarna het anonieme nummer van de kandidaat aan. Een slecht plan, want het vergroot de afstand tussen burgers en hun volksvertegenwoordigers, schrijft Tweede Kamerlid Pieter Omtzigt. In landen zoals het Verenigd Koninkrijk weet iedereen wie zijn stad of regio vertegenwoordigt. Daar houden parlementsleden ook spreekuren waar burgers met al hun problemen terecht kunnen. Binnen de verschillende kiesstelsels (en het Verenigd Koninkrijk is zeker niet perfect) staat Nederland het verst aan de andere kant: bij ons is er nauwelijks regionale binding met Kamerleden. Bij ons trekken de politieke partijen aan de touwtjes. Het is de partij die bepaalt wie er waar op de kieslijst komt te staan en wie niet. Daardoor weten Nederlanders vaak niet bij welke parlementariër ze terecht kunnen. Er is een grote afstand tussen kiezer en gekozene. En dat betekent dat het soms heel lang duurt voordat de Tweede Kamer doorheeft dat er ergens problemen zijn. Pieter Omtzigt (1974) is Tweede Kamerlid. Ingezonden opinieartikelen worden geselecteerd door de redactie, maar vertegenwoordigen niet noodzakelijkerwijs het standpunt van EW. In het Britse stelsel zou het aardbevingsgebied in Groningen een eigen parlementslid hebben, dat daar zelf woont. En geloof mij, die zou elke week in het vragenuur gezeten hebben vanaf 2012 en op dat punt een afwijkend standpunt ingenomen hebben, ook als hij in de PvdA gezeten had, toen de grootste partij daar. Je zou zeggen: áls je het Nederlandse kiesstelsel wilt veranderen, dan moet je er ten minste aan werken dat de afstand tussen kiezer en gekozene kleiner wordt. Bijvoorbeeld door de regionale binding van Kamerleden juist sterker te verankeren. Op die manier kunnen burgers immers makkelijker bij hun vertegenwoordiger aan de bel trekken. Het recente regeringsvoorstel om massaal te experimenteren met een nieuw stembiljet, is juist een beweging in de verkeerde richting. In plaats van de afstand tot ‘de politiek' te verkleinen, maakt het nieuwe stembiljet kandidaat-Kamerleden tot anonieme nummers. Snelheid boven alles? Wat stelt de regering dan voor? In de Tijdelijke experimentenwet nieuwe stembiljetten stelt de regering voor om massaal te experimenteren met een nieuw stembiljet waarbij de kiezers in twee etappen stemmen: eerst voor een van de 37 beschikbare partijen en daarna op het gewenste nummer van de lijst. Het nieuwe stembiljet reduceert een kandidaat tot een anoniem nummer. Lees verder onder de afbeelding Concept nieuw stembiljet met partijen en kandidaatnummers. Bron: memorie van toelichting uit het wetsvoorstel. Op het stembiljet kies je dan niet meer voor een kandidaat: er staan geen namen meer op het stembiljet. Het lijkt erop dat we met dit voorstel dezelfde fout maken als bij de invoering van de stemcomputers. Om het tellen gemakkelijker te maken en de uitslag sneller beschikbaar te krijgen, werden de stemcomputers ingevoerd. ‘Snelheid', daar moest het om gaan. Maar dat het telproces niet meer te volgen was, dat het stemmen afgeluisterd kon worden, daar was niet aan gedacht. En het werd na veel onderzoek en protesten teruggedraaid. Nu staan we op het punt een stembiljet te maken dat een politicus nóg anoniemer maakt en de politieke partijen – die steeds minder volksbewegingen zijn – nóg belangrijker maakt. Hoewel onze Grondwet niet eens partijen kent, bepaalt een kleine partij-elite effectief wie waarop de lijst komt en dus in de Tweede Kamer. Voor de herverkiezing kan een kandidaat-Kamerlid zich dus beter richten op de partij-elite dan op de kiezer. Van de 150 Kamerleden worden er dan ook maar gemiddeld twee via voorkeursstemmen gekozen, die anders niet gekozen zouden zijn. En dus hebben we in Nederland nauwelijks spreekuren, minder contact met gewone burgers dan elders. Partijen proberen steeds krampachtiger die invloed vast te houden, bijvoorbeeld door kandidaten te laten tekenen dat zij hun zetel opgeven als zij niet langer onderdeel zijn van de fractie. Dat is in strijd met de Grondwet en met de zuiveringseed die je aflegt bij de installatie: je mag namelijk niets beloofd hebben om gekozen te worden. Kijk naar België, Ierland en Denemarken Het is dus beter om dit nieuwe kiesbiljet niet in te voeren om niet nog verder het pad van anonieme volksvertegenwoordigers op te gaan. Wat we wél kunnen doen om ons kiesstelsel te verbeteren en de afstand tussen kiezer en gekozene te verkleinen? De nieuwe editie van EW bestelt u snel en eenvoudig online. Op werkdagen voor 15.00 uur besteld, morgen bij u op de mat. Wilt u losse edities van EW bestellen? Dat kan via onze webshop (gratis verzending) Op de korte termijn moeten we de gemeenten verplichten om alle processen-verbaal (zonder de fysieke handtekening in verband met de privacy) van de stembureaus te publiceren. Dan kan iedereen natellen of de stemmen in het land goed zijn opgeteld. Dit maakt ons kiesstelsel transparanter. Kleine fouten kun je maken bij het tellen. Voor grote fouten moet je bij het optellen zijn: als daar een stembureau wordt vergeten of een rij verkeerd wordt overgeschreven, is er een echt probleem. Het wetsvoorstel om de processen-verbaal openbaar te maken, is al tijden geleden ingediend, maar de regering geeft maar geen antwoord op schriftelijke vragen hierover. De tweede noodzakelijke stap is ingewikkelder: we moeten ons kiesstelsel hervormen. De regionale binding tussen kiezer en gekozene moet sterker. Daarin hoeven we niet zover te gaan als het systeem met één winnaar per kiesdistrict zoals in Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk (het districtenstelsel). Een systeem met grotere kiesdistricten met meerdere Kamerleden per kiesdistrict, past beter bij Nederland. Zo'n stelsel bestaat in landen als België en Ierland. Ook Denemarken heeft zo'n stelsel en zelfs een extra landelijke lijst, die ervoor zorgt dat de uitslag proportioneel blijft. Een mooi, werkbaar stelsel dat ook in Nederland ingevoerd kan worden. Het zou leiden tot meer regionale binding en benaderbaarheid van volksvertegenwoordigers. Bij een stelsel met kiesdistricten is het ook wat normaler dat een politicus een enkele keer afwijkend stemt van de rest van de fractie. Dat maakt het gemakkelijker om grotere partijen te vormen met wellicht stromingen. Deze week kunnen we de eerste stap zetten om de fundamentele discussie over verandering van ons kiesstelsel te voeren. Vorige week leek het er even op dat dit wetsvoorstel een hamerstuk zou worden, omdat niemand over de wetgeving wilde debatteren. Hopelijk begrijpen mijn collega's dat de afstand tussen burgers en politici een uiterst belangrijk thema is, dat onze discussie behoeft. Bovendien: het is altijd beter om te debatteren naar aanleiding van wetgeving dan naar aanleiding van een krantenartikel. Hopelijk krijg ik steun van collega-Kamerleden om dit debat op de agenda te zetten! In omliggende landen overzichtelijk aantal kandidaten op stembiljet In bijna alle omliggende landen staat er een overzichtelijk aantal kandidaten op het stembiljet. In landen met een enkelvoudig kiesdistrict moet je vaak een van de vijf tot tien hokjes aankruisen. En bij de tweede ronde van de Franse presidentverkiezingen staan precies twee kandidaten op het formulier. Lees dit omslagverhaal terug: Hoe ongrijpbare lastpak kon uitgroeien tot CDA-topscorer De kandidaat in jouw kiesdistrict vertegenwoordigt jou en is benaderbaar voor de kiezers. Meestal houdt het parlementslid een lokaal spreekuur waar ook burgers met problemen met de uitvoering van wetten langskomen. En die burgers willen een oplossing. In Nederland hadden we ongeveer 1.500 kandidaten op één groot stembiljet om 150 Kamerleden te kiezen. Het is onmogelijk iets van al deze kandidaten te weten en veel moeilijker om een band te krijgen. Die relatief zwakke band is een van de vele redenen waarom uitvoeringsproblemen in Nederland lang kunnen voortduren. The post Nóg meer afstand tussen kiezer en gekozene door nieuw stembiljet: niet doen! appeared first on EWmagazine.nl.
ma, 04 okt, 2021
Source: EW Magazine
De crisis bij de vastgoedreus Evergrande plaatst onze verwachtingen over het Chinese groeiwonder ook in een ander perspectief. Zeepbellen op markten zijn een aanjager van economische groei, schrijft Marijn Jongsma – totdat het misgaat. De timing van de problemen bij Evergrande is niet toevallig. De staat wil de enorme groei van schulden in deze bedrijfstak beteugelen. En zonder nieuwe schulden kan het bedrijf niet aan de verplichtingen voldoen. De groeiambities van China Marijn Jongsma (1969) is economisch redacteur bij EW. Hij blogt wekelijks over financieel- en macro-economische onderwerpen. Maar in hoeverre hebben de autoriteiten het bellen blazen lang oogluikend toegestaan? De problemen bij Evergrande zijn niet los te zien van de groeiambities van China als land, zegt econoom Michael Pettis, hoogleraar aan de Peking University. In een recent artikel legt hij uit hoe Evergrande en andere ontwikkelaars onderdeel zijn van een bredere strategie (meer welvaart betekent geen sociale onrust) die nu tegen grenzen aanloopt. De Communistische Partij is volgens Pettis niet in staat de gewenste economische groei (jaarlijks meer dan 6 procent) te halen op een ‘natuurlijke' manier. Dat wil zeggen: met investeringen, exporten en extra consumptie uit gestegen inkomens. Volgens Pettis waren deze factoren ‘van hoge kwaliteit' nauwelijks goed voor de helft van de groei in de afgelopen jaren. Een extra motor: vastgoed en infrastructuur Om de ambities te verwezenlijken, was er dus een extra motor nodig, en die rol werd voornamelijk vervuld door de bouw van vastgoed en aanleg van ‘excessieve hoeveelheden' lokale infrastructuur. Voor het hogere doel is Peking geneigd een oogje toe te knijpen. De conclusie van Pettis: zolang China de lat hoger legt dan mogelijk is met natuurlijke groei, is er weinig keus dan leunen op met schulden gefinancierde bouwprojecten. Als sinds een jaar of vijftien groeien schulden in China harder dan het nationaal inkomen. Lees ook: Crisis Evergrande: hoeveel last krijgt het Westen hiervan? Hoe kan het dat financiers de buidel blijven trekken, terwijl de risico's toenemen? Omdat ze erop rekenen dat de staat inspringt zodra bedrijven als Evergrande niet meer aan hun verplichtingen kunnen voldoen. Het is duidelijk dat de afhankelijkheid van met schulden beladen sectoren de economie kwetsbaar maakt. Maar, zo schrijft Pettis: de schuldengroei kan alleen worden gedempt als Peking tegelijk een lagere, ‘gezondere' economische groei accepteert. Zonder bellen blazen groeit een land weliswaar stabieler (minder crises), maar ook minder hard. Verwachtingen over China hooggespannen Gilles Moëc, chefeconoom van het Franse AXA (verzekeraar en vermogensbeheerder), denkt dat de rest van de wereld de verwachtingen over het Aziatische groeiwonder moet bijstellen. ‘Wie erop rekent dat China met jaarlijks 5 procent blijft groeien, vergist zich volgens ons.' In veel opzichten is dat ook onvermijdelijk, schetst de Fransman, omdat de Chinese economie in tien jaar tijd is verdubbeld. Een groei van ‘slechts' 4 procent nu is in absolute termen even veel als een groei van 8 procent destijds. Zou de Chinese groei terugvallen naar 2,5 procent, dan is de bijdrage aan de groei van de wereldeconomie nog steeds net zo groot als die van de Verenigde Staten bij een groei van 1,75 procent (volgens AXA het Amerikaanse potentieel op langere termijn). Anders gezegd: ook bij een lager groeipad blijft de Chinese economie van groot belang voor de wereld als geheel. Vastgoedzeepbellen: dat hebben we eerder gezien Kunstmatige groei door het blazen van vastgoedzeepbellen is natuurlijk geen exclusief Chinees verhaal. In Nederland hebben we er ook de nodige ervaringen mee. Eind jaren negentig kreeg de economie een extra boost, omdat huizenbezitters hun opgelopen overwaarde verzilverden met hogere hypotheekleningen. En nog geen tien jaar geleden zorgde een crash op de huizenmarkt juist voor een enorme rem op de consumptie. Inmiddels zijn de prijzen weer skyhigh. Groot verschil met China: er is een serieus tekort aan woningen. In de polder staan geen spooksteden. Moëc trekt de vergelijking met Spanje en Ierland aan het begin van deze eeuw, waar net als in China van een ware bouwwoede sprake was. Door de enorme expansie van de vastgoedsector groeiden Ierland en Spanje bijna tien jaar lang harder dan andere lidstaten van de eurozone. De wankele basis van dit ‘wonder' was ook destijds onvoldoende op het radarscherm van beleggers en beleidsmakers, constateert de econoom. Sterker nog, de groeiverwachtingen werden naar boven bijgesteld. Lees ook: Crisis Chinese vastgoedreus Evergrande raakt wereldeconomie indirect De kredietcrisis maakte een einde aan deze droom. Banken begonnen te wankelen en moesten worden gered door de Spaanse en Ierse overheden, waardoor ook deze in de problemen kwamen en Brussel met noodleningen te hulp moest schieten. China organiseert de zeepbellen zelf In Spanje en Ierland werd de bubbel mogelijk gemaakt door de toestroom van kapitaal uit andere landen. Dat zorgt voor kwetsbaarheid zodra de kudde de andere kant op holt. In China is het grotendeels een interne kwestie. Met een eigen munt en eigen monetair beleid, een relatief gesloten kapitaalmarkt en een grotendeels door de staat gecontroleerd bankwezen is het land minder kwetsbaar dan het zou zijn als onderdeel van een muntunie. Simpel gezegd: China kan de eigen rommel opruimen zonder hulp van buitenaf. Dat laat onverlet dat ook Peking niet in staat is om de economie blijvend te stimuleren met zinloze bouwprojecten op de pof. The post De Chinese draak zal minder vuur spuwen nu vastgoedzeepbel wordt doorgeprikt appeared first on EWmagazine.nl.
ma, 04 okt, 2021
Source: EW Magazine
Free Web Hosting